Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland, 4 april 2012
ECLI:NL:RBALK:2012:BW5024
Marco Mannenmode BV h.o.d.n. Schutz Mannenmode/werkneemster
Werkneemster is in dienst van Schutz Mannenmode als verkoopster. In december 2011 heeft Schutz werkneemster een waarschuwing gegeven in verband met structureel te laat komen, regelmatige ziekmeldingen bij drukke periodes zoals uitverkoop en het niet in acht nemen van de huisregels. Werkneemster heeft zich daarna ziek gemeld. De bedrijfsarts heeft werkneemster hersteld verklaard met ingang van 14 december 2011. Begin januari 2012 heeft het UWV geoordeeld dat werkneemster arbeidsongeschikt is. Een ingezet mediationtraject is niet voortgezet. Thans verzoekt Schutz ontbinding van de arbeidsovereenkomst.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Gelet op de stukken moet ervan worden uitgegaan dat werkneemster op en na 1 december 2011 ziek is voor haar werk. Het opzegverbod tijdens ziekte is derhalve van toepassing. Grond voor het ontbindingsverzoek is met name ook dat werkneemster na haar uitval wegens ziekte niets heeft gedaan om in het kader van het arbeidsconflict tussen partijen de verhoudingen weer te normaliseren en dat door toedoen van werkneemster mediation is mislukt. Of die verwijten nou terecht zijn of niet, deze door Schutz aangevoerde omstandigheden hebben in ieder geval een verband met de ziekte van werkneemster. Werkneemster is immers (mede) ziek vanwege het arbeidsconflict tussen partijen, en zij heeft daardoor kennelijk psychische klachten die werkhervatting vooralsnog in de weg staan. Het ontbindingsverzoek wordt derhalve afgewezen. Van bijzondere omstandigheden die kunnen rechtvaardigen dat het ontbindingsverzoek ondanks het verband met het opzegverbod tijdens ziekte toch zou moeten worden toegewezen, is niet gebleken. Dat werkneemster niet zou hebben meegewerkt aan re-integratie (hetgeen niet uit de stukken blijkt) en dat werkneemster zou disfunctioneren leveren geen bijzondere omstandigheden op als hiervoor bedoeld.