Rechtspraak
Abvakabo FNV/Koninklijke TNT Post B.V.
Bij TNT bestaat een VUT/PPB-regeling. Deze is onderdeel van de tussen TNT en (onder meer) Abvakabo FNV gesloten cao. Met ingang van 1 januari 2006 verviel de fiscale facilitering van deze regeling. Een uitzondering is gemaakt voor degenen die zijn geboren vóór 1 januari 1950 (en dus op 31 december 2005 reeds 55 jaar of ouder waren; hierna: de 55-plusgroep). Overeenkomstig het zogenoemde Vendrik I-amendement werd aan deze fiscale facilitering voor de 55-plusgroep wel de voorwaarde verbonden dat het later dan de eerst mogelijke datum gebruik maken van de VUT/PPB-regeling tot gevolg moest hebben – globaal omschreven – dat het aldus niet-gebruikte gedeelte van deze uitkering zou ‘aanwassen’ bij het (vanaf de latere ingangsdatum) wel gebruikte deel van de uitkering. Ingevolge voormeld Vendrik I-amendement diende dit te geschieden door middel van herrekening met inachtneming van algemeen aanvaarde actuariële grondslagen. Ofwel: een 100% herrekening. In dit verband is door partijen ook wel de term ‘spaar-VUT’ gebruikt. Als gevolg van het zgn Vendrik II-amendement is de in de Wet VPL opgenomen voorwaarde van 100% herrekening met ingang van 1 januari 2008 verzacht tot 50% daarvan (hierna: Vendrik II). Dit heeft TNT doen besluiten om – met ingang van 2 juni 2008 – voor gevallen van uittreding waarbij door TNT niet reeds een concrete toezegging ter zake van 100% herrekening aan de betrokkene was gedaan – niet langer 100% maar nog slechts 50% herrekening toe te kennen. In deze zaak staat centraal de vraag of TNT haar bedoelde besluit zonder overleg met en instemming van Abvakabo FNV heeft mogen nemen en uitvoeren. Abvakabo FNV meent dat die vraag ontkennend moet worden beantwoord, TNT is de tegenovergestelde mening toegedaan.
Het hof overweegt als volgt. TNT heeft zich in het kader van (het overleg met het oog op) de cao niet tot meer verbonden dan tot hetgeen nodig is om de fiscale facilitering van de VUT/PPB-regeling voor de 55-plusgroep te behouden. Anders gezegd: de spaar-VUT was slechts een middel en niet (ook) een doel op zich. Als de fiscale eisen op dat punt worden verlicht heeft dat dus tot gevolg dat TNT vanaf dat moment slechts tot dat mindere is gehouden. Derhalve behoefde TNT niet eerst met Abvakabo te overleggen dan wel toestemming van Abvakabo te verkrijgen om na ‘Vendrik II’ de spaar-VUT te reduceren tot het daaruit voortvloeiende vereiste niveau. Anders dan Abvakabo heeft betoogd kan in de toelichting op het amendement Vendrik II geen basis worden gevonden voor het door Abvakabo verlangde overleg met haar. In de wettekst zelf – waarmee een voorwaarde voor een fiscale faciliteit wordt verzacht – is over dat overleg of een overgangsmaatregel in het geheel niets opgenomen. Bij die toelichting is voorts kennelijk uitgegaan van de feitelijk onjuiste veronderstelling dat de spaar-VUT die in het kader van Vendrik I voor continuering van de fiscale faciliteit wordt verlangd in alle gevallen onderdeel van een cao is geworden. Een en ander is onvoldoende om daarop een overlegverplichting tussen partijen te baseren.