Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/DiMS! Organizing Print B.V.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Arnhem), 30 oktober 2012
ECLI:NL:GHARN:2012:BY3988

werknemer/DiMS! Organizing Print B.V.

Schorsing temporeel bereik concurrentiebeding tot zes maanden na belangenafweging. Werknemer die meent geschikt te zijn tot werkhervatting hoeft dat niet met medische stukken te onderbouwen. Loonvordering tot 100% loon toegewezen

Werknemer heeft sinds 2007 een eenmanszaak die zich toespitst op fotografie en industrieel ontwerp en vormgeving. In mei 2011 is werknemer in dienst getreden van DiMS op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Op deze arbeidsovereenkomst zijn de algemene arbeidsvoorwaarden van toepassing. Daarin staan onder meer een verbod op nevenactiviteiten en relatie- en concurrentiebedingen geformuleerd. De arbeidsovereenkomst is niet verlengd. Werknemer heeft in eerste aanleg schorsing van het concurrentiebeding gevorderd. Voorts vordert werknemer loon vanaf het moment dat hij zich volledig arbeidsgeschikt achtte na een periode van ziekte.

Het hof oordeelt als volgt. Naar het voorlopig oordeel van het hof is voldoende gebleken dat DiMS ter bescherming van haar bedrijfsdebiet belang heeft bij handhaving van het concurrentiebeding ten aanzien van Efi. Werknemer heeft niet weersproken dat Efi, de vennootschap die hem heeft aangeboden bij schorsing van het concurrentiebeding bij haar in dienst te treden, een belangrijke concurrent van DiMS is. Voorts is aannemelijk dat werknemer bij de uitoefening van de contractueel met hem overeengekomen functie toegang heeft gekregen tot bedrijfsgevoelige informatie. Werknemer stelt dat hij het concurrentiebeding om die reden heeft aanvaard. Ook het salaris van € 4.000 bruto per maand, exclusief vakantietoeslag, dat werknemer bij DiMS verdiende en de werkzaamheden, die hij volgens zijn curriculum vitae bij DiMS verrichtte, wijzen erop dat hij niet, zoals hij zelf stelt, slechts als ‘medewerker externe communicatie’ bij DiMS heeft gefungeerd. Hier staat tegenover dat werknemer belang heeft bij indiensttreding van Efi vanwege betere arbeidsvoorwaarden, carrièreperspectieven en arbeid. Het hof komt tot een afweging van belangen en schorst het concurrentiebeding in duur tot zes maanden na uitdiensttreding.

Wat de loonvordering betreft oordeelt het hof als volgt. Blijkens vaste jurisprudentie behoefde werknemer zijn geschiktheid tot werkhervatting niet met medische stukken te onderbouwen (vgl. HR 6 april 2001, LJN AB0904, r.o. 3.5). Het was aan DiMS als werkgever om omstandigheden te stellen die de gevolgtrekking wettigen dat redelijkerwijs niet van hem gevergd kon worden van het aanbod tot werkhervatting van werknemer gebruik te maken (vgl. HR 13 december 1991, LJN ZC0448, r.o. 3.2). Vooralsnog heeft DiMS onvoldoende aan deze verplichting voldaan.