Rechtspraak
Gerechtshof Den Haag (Locatie 's-Gravenhage), 16 april 2013
ECLI:NL:GHDHA:2013:1109
werknemer/Kliniek Nieuwstraat Rotterdam B.V.
Werknemer heeft samen met X KNR opgericht. In 2007 heeft werknemer zijn medisch-chirurgische werkzaamheden neergelegd in verband met een lopend onderzoek door de Inspectie Gezondheidszorg. Per 16 november 2011 is werknemer als bestuurder ontslagen van de Stichting (alwaar de besluitvorming over zaken van KNR plaatsvond). Werknemer en X zijn ieder (indirect) 50% aandeelhouder en statutair bestuurder van Blaak Beheer B.V. Laatstgenoemde vennootschap is tevens de statutair bestuurder van haar vier 100% dochtervennootschappen, waaronder KNR. Er is inmiddels een verstoorde verhouding tussen X en werknemer, die niet wordt weggenomen doordat beide 50% aandeelhouder zijn. Werknemer is op 15 oktober 2012 65 jaar geworden. KNR stelt zich op het standpunt dat de algemeen verbindendverkaarde CAO Ziekenhuizen 2011-2014 (standaard-cao) meebrengt dat op voormelde datum van rechtswege een einde aan de arbeidsovereenkomst tussen partijen is gekomen en heeft hem sinds die datum geen salaris meer betaald (€ 150.000 per jaar).
Het hof oordeelt als volgt. Het geschil spitst zich toe op de vraag of werknemer in casu ook ‘directeur’ is volgens de cao. In verband met inrichting van het samenwerkingsverband moet naar het oordeel van het hof in dit geding worden aangenomen dat de positie van bestuurder van de stichting in dit geval een vereiste is om te kunnen worden aangemerkt als bestuurder/directeur in de zin van artikel 1.1.b van de cao. Die cao-bepaling – uitgelegd volgens de ‘cao-norm’ – verlangt voor die functie dat de werknemer is belast met de beleidsvoorbereiding en het totale beheer van ‘de instelling’. Artikel 1.1.a van de cao merkt als werkgever (ook) aan het ‘organisatorisch verband’ dat ten doel heeft ziekenhuiszorg te bieden. De uitzondering zoals in voormelde cao-bepaling is omschreven is duidelijk bestemd voor uitsluitend het hoogste bestuur/directieniveau binnen de organisatie en in het samenwerkingsverband is dat naar het oordeel van het hof het bestuur van de stichting. Bij een en ander is in aanmerking genomen dat is gesteld noch gebleken dat werknemer – na zijn ontslag als bestuurder van de stichting – (expliciet) is benoemd als directeur. Het handhaven van de vermelding van de functie ‘directeur’ op de salarisspecificaties is daarvoor naar het oordeel van het hof – gelet op de verstrekkende gevolgen – niet toereikend. Het feit dat werknemer voor 50% directeur-aandeelhouder van Blaak Beheer B.V. is gebleven maakt dat niet anders, ook niet wanneer ervan zou worden uitgegaan dat hij binnen het samenwerkingsverband tot aan zijn ontslag als bestuurder van de stichting belast is gebleven met diverse taken op algemeen directie- en/of managementniveau en ook deelnam aan de vergaderingen in dat verband (KNR heeft een en ander weersproken). Op het moment dat werknemer de 65-jarige leeftijd bereikte was hij reeds meer dan een jaar geen bestuurslid van de stichting meer. Dit leidt ertoe dat voor hem niet de in voormelde cao-bepaling geregelde uitzondering op de hoofdregel van artikel 3.6.1 van de cao (einde dienstverband bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd) van toepassing is.