Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/Apotheek Straver B.V.
Rechtbank Limburg (Locatie Maastricht), 29 januari 2014
ECLI:NL:RBLIM:2014:873

werkneemster/Apotheek Straver B.V.

Assistente nachtapotheek raakt ernstig gewond als zij tijdens een nachtdienst wordt overvallen en uit het raam springt. Werkgeefster heeft voldoende aan zorgplicht voldaan en is niet aansprakelijk voor schade. De onderhavige overval ligt buiten de normale te verwachten risico’s.

Werkneemster is in dienst van Straver als apothekersassistente. Tijdens een nachtdienst is bij de apotheek ingebroken. Werkneemster was op dat moment het enige personeelslid in het pand. Nadat twee van de vermomde inbrekers de verdieping waar werkneemster zich bevond hadden betreden en een vuurwapen op haar hadden gericht, is zij uit angst uit een raam gesprongen. Ten gevolge van de sprong is haar rechterenkel verbrijzeld, heeft zij een fractuur aan haar stuitje opgelopen en heeft zij twee wervels gebroken. Zij stelt Straver op grond van artikel 7:658 BW aansprakelijk voor haar schade. Daartoe voert zij aan dat Straver haar zorgplicht heeft geschonden. De achterzijde van de apotheek was niet adequaat beveiligd en er zijn geen instructies verleend hoe te handelen in dergelijke situaties. Pas na de overval heeft Straver extra beveiligings- en instructiemaatregelen getroffen.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Het debat van partijen spitst zich toe op de vraag of Straver heeft voldaan aan haar zorgverplichtingen zoals bedoeld in artikel 7:658 lid 1 BW. Niet vast is komen te staan dat er (vergelijkbare) overvallen bij andere Mediq-apotheken zijn geweest vóór deze overval. De ten tijde van de overval getroffen veiligheidsmaatregelen waren toereikend. Zo is er aan de voorzijde van het pand een rolluik, is contact met klanten na 18.00 uur alleen mogelijk via een loket met gepantserd glas, is een mobiel overvalalarm aanwezig en is er in de apotheek camerabewaking. Aan de achterzijde van het pand bevond zich ten tijde van de inbraak aan de buitenkant verlichting, die door de inbrekers onklaar is gemaakt. Straver is een apotheek, geen juwelier of bank. De normale veiligheidsrisico’s waarmee zij vanwege de aard van de werkzaamheden wordt geconfronteerd, liggen in de klantcontacten. De klanten betreden het pand via de voorzijde. Aan de voorzijde had Straver toereikende veiligheidsmaatregelen getroffen. Het pand ligt aan de achterzijde niet afgelegen en in het donker, maar naast een woonwijk en is de hele nacht aan de buitenzijde verlicht. Straver en werkneemster in het bijzonder zijn het slachtoffer geworden van een overval die buiten de normale te verwachten risico’s voor Straver lag. Haar kan dan ook niet verweten worden dat zij van het pand geen vesting had gemaakt met prikkeldraad en hekwerk op het platte dak van de aanbouw en camerabewaking aan de achterzijde. Dat zij omwille van het veiligheidsgevoel van haar medewerkers na de overval besloten heeft aan de achterzijde overal tralies voor de ramen met veiligheidsglas te plaatsen – waardoor het pand er thans uitziet als een gevangenis – wil niet zeggen dat zij op het moment van de overval niet aan haar zorgplicht voldaan had. Straver heeft na de overval het nachtpersoneel opgedragen de alarmpieper altijd bij zich te dragen. Er is geen aanleiding om te veronderstellen dat als werkneemster de alarmpieper bij zich gehad had op de bovenverdieping en zij de politie wel had kunnen alarmeren via de alarmcentrale de overvallers niet het pand binnengedrongen zouden zijn. Gelet op de snelheid waarmee zij boven waren, is aannemelijk dat werkneemster ook dan geen andere uitweg had gezien dan uit het raam te springen. Door werkneemster is niet betwist dat Straver het personeel een training omgaan met verbale agressie en geweld heeft laten volgen. Deze training past binnen de gebruikelijke risico’s die voor het personeel van Straver gelden. Ook op dat punt heeft Straver derhalve aan haar zorgverplichting voldaan. Volgt afwijzing van de vorderingen.