Naar boven ↑

Rechtspraak

Medistad Contract Manufacturing B.V./werkneemster
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Hoorn), 3 maart 2014
ECLI:NL:RBNHO:2014:9395

Medistad Contract Manufacturing B.V./werkneemster

Arbeidsdeskundige UWV kan – anders dan verzekeringsarts – niet (medisch) beoordelen of sprake is van arbeidsongeschiktheid, zodat conform het oordeel van de bedrijfsarts wordt geoordeeld dat geen sprake is van arbeidsongeschiktheid. Ontbinding wegens verstoorde arbeidsrelatie zonder toekenning vergoeding.

Werkneemster is op 14 januari 2008 in dienst getreden bij Medistad, in de functie van Cleanroom Medewerker. Na verkregen toestemming is de arbeidsovereenkomst opgezegd. Werkneemster stelt dat de opzegging vernietigbaar is, omdat het opzegverbod tijdens ziekte van toepassing is. Medistad verzoekt derhalve voorwaardelijke ontbinding. Aan dit verzoek legt Medistad ten grondslag dat de arbeidsverhouding ernstig en duurzaam is verstoord. Daarbij wijst Medistad erop dat overleg en mediation niet tot een oplossing hebben geleid.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Het opzegverbod tijdens ziekte is niet van toepassing. Uit de brief van Medistad van 1 juli 2013 volgt dat de arbodienst op 17 juni 2013 heeft meegedeeld dat werkneemster weer geschikt wordt geacht voor de ‘maatgevende arbeid voor 100%’. Werkneemster heeft geen gegevens overgelegd waaruit kan worden afgeleid dat zij wel arbeidsongeschikt is. Uit het deskundigenoordeel van het UWV van 26 augustus 2013 blijkt weliswaar dat werkneemster niet in staat wordt geacht om het eigen werk bij Medistad te verrichten, maar dat oordeel is afkomstig van een arbeidsdeskundige en niet van een verzekeringsarts. Een arbeidsdeskundige kan geen medische beoordeling verrichten en kan ook geen uitspraken doen over de vraag of sprake is van ziekte of gebrek. Het deskundigenoordeel van het UWV berust kennelijk op de gedachte dat werkhervatting niet mogelijk is vanwege een verstoorde arbeidsverhouding, maar daaruit volgt niet dat werkneemster arbeidsongeschikt is wegens ziekte of gebrek. De arbeidsovereenkomst wordt voorwaardelijk ontbonden wegens een verstoorde arbeidsrelatie. Er is geen aanleiding aan werkneemster een vergoeding toe te kennen. Dat werkneemster niet heeft hervat in ploegendiensten komt voor haar rekening en risico, nu niet is gebleken van medische beperkingen die in de weg staan aan het werken in ploegendiensten. Medistad heeft daarnaast twee alternatieven geboden, te weten het terugbrengen van haar werktijd en een baan bij een andere werkgever, maar daarop is werkneemster niet ingegaan. Ook heeft Medistad een mediator ingeschakeld, echter zonder resultaat. Hieruit volgt dat Medistad in ieder geval het nodige heeft gedaan om tot een oplossing te komen, terwijl er geen aanwijzingen zijn dat het aan Medistad valt toe te rekenen dat dit niet is gelukt. Verder is van belang dat werkneemster ondanks een hersteldverklaring niet meer heeft gewerkt sinds omstreeks 1 juli 2013, terwijl Medistad wel het loon heeft doorbetaald tot 1 februari 2014. In de omstandigheid dat Medistad feitelijk meer dan een halfjaar loon heeft betaald zonder dat arbeid is verricht, ziet de kantonrechter eveneens een reden om geen vergoeding toe te kennen.