Rechtspraak
Rechtbank Limburg (Locatie Maastricht), 17 maart 2015
ECLI:NL:RBLIM:2015:2243
GGN Mastering Credit N.V./werknemer
Werknemer is op 2 maart 2009 bij (de rechtsvoorgangster van) GGN in dienst getreden als toegevoegd kandidaat-deurwaarder. GGN verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst, zonder toekenning van een vergoeding. De verandering in omstandigheden is volgens GGN gelegen in de hardnekkige weigering van werknemer om, ondanks herhaaldelijke verzoeken daartoe van GGN, beslag te leggen op roerende zaken.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Het leggen van beslag op roerende zaken is normaal en gebruikelijk in de functie van toegevoegd kandidaat-deurwaarder. Dit blijkt ook uit de arbeidsovereenkomst en het competentieprofiel. Niet aannemelijk is geworden dat werknemer formeel is vrijgesteld van het leggen van beslag op roerende zaken. Werknemer miskent met zijn weigerachtige opstelling dat hij als werknemer van GGN gehouden is om door die werkgever in redelijkheid opgedragen werkzaamheden te verrichten. Uiteraard dient de werkgever zich daarbij op te stellen als een goed werkgever: de instructies moeten redelijk zijn. De door werknemer betrokken stelling dat een (toegevoegd) kandidaat-gerechtsdeurwaarder op grond van de gedragsregels geen druk mag uitoefenen door het aankondigen van maatregelen die hij niet daadwerkelijk zal (cursivering kantonrechter) nemen, is gemotiveerd door GGN betwist. GGN heeft in dit verband voldoende aannemelijk gemaakt dat het op grond van de gedragsregels niet is toegestaan om druk uit te oefenen door maatregelen die een (toegevoegd) kandidaat-deurwaarder niet daadwerkelijk kan (cursivering kantonrechter) nemen. Die nuance lijkt werknemer met zijn betoog te miskennen, zodat zijn verweer wordt gepasseerd. Datzelfde geldt voor de stelling van werknemer dat het leggen van beslagen op roerende zaken niets oplevert. Uiteraard staat het werknemer vrij om daar zo over te denken, maar dat laat onverlet dat GGN wel van hem in redelijkheid mag vergen om over te gaan tot het leggen van beslag op roerende zaken. Dat werknemer door psychische klachten wordt belemmerd in het leggen van beslag op roerende zaken, is door hem niet gemotiveerd onderbouwd. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden. Rekening houdend met alle omstandigheden van het onderhavige geval, waaronder de mate van verwijtbaarheid aan de zijde van werknemer, zijn leeftijd en de hoogte van zijn loon wordt naar billijkheid een vergoeding toegekend van € 10.000 bruto.