Rechtspraak
Rechtbank Den Haag (Locatie 's-Gravenhage), 13 april 2016
ECLI:NL:RBDHA:2016:4717
X/Gemeente Moerdijk c.s.
X is in dienst bij de (buitendienst van de) gemeente als (vrachtwagen)chauffeur. Op 10 november 2009 in hem een arbeidsongeval overkomen in het ‘oliehok’ van de gemeente. In de onderhavige deelgeschilprocedure verzoekt X voor recht te verklaren dat de gemeente aansprakelijk is voor het hem overkomen ongeval en de daaruit voortvloeiende schade op grond van artikel 6:174 BW, artikel 6:181 BW, artikel 7:658 BW, artikel 6:170 BW, dan wel artikel 6:162 BW.
De rechtbank stelt voorop dat indien er voor een ambtenaar een met voldoende waarborgen omklede rechtsgang openstaat c.q. heeft opengestaan, hij in een civiele procedure niet-ontvankelijk moet worden verklaard (HR 28 februari 1992, ECLI:NL:HR:1992:ZC0527, NJ 1992/687). Onder verwijzing naar de arresten van het Gerechtshof Leeuwarden van 14 december 2010 en het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 27 maart 2015 (ECLI:NL:GHLEE:2010:5904 resp. ECLI:NL:GHARL:2015:2261) is de rechtbank voorshands van oordeel dat artikel 7:658 BW geen civielrechtelijke grondslag kan opleveren op grond waarvan de burgerlijke rechter de aansprakelijkheid van de gemeente als werkgever tegenover X als ambtenaar kan baseren. In artikel 7:615 BW is wettelijk geregeld dat dit artikel niet geldt voor personen in overheidsdienst. Dat de Centrale Raad van Beroep dit artikel analoog toepast wanneer een overheidsdienst als werkgever aansprakelijk wordt gesteld, maakt niet dat de burgerlijke rechter artikel 7:615 BW kan negeren. X heeft voorts zijn verzoek mede gestoeld op het algemene onrechtmatigedaadsartikel 6:162 BW, maar – met het Gerechtshof Leeuwarden – is de rechtbank van oordeel dat artikel 7:658 BW hierin niet kan worden ingelezen. Alvorens verder te beslissen, verzoekt de rechtbank partijen dan ook om zich uit te laten over de ontvankelijkheid van X voor zover zijn verzoek gebaseerd is op (de analoge toepassing van) artikel 7:658 BW.