Rechtspraak
werknemer/werkgever
Werknemer is in dienst als koerier/bezorger van fietsonderdelen. Nadat is geconstateerd dat werknemer wederom betaalde facturen niet aan werkgever heeft afgedragen, is hij op staande voet ontslagen. Werknemer beroept zich op de vernietigbaarheid van het ontslag.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Voorop gesteld wordt dat werknemer ter zitting te kennen heeft gegeven dat hij geen bezwaren heeft geuit tegen de schriftelijke waarschuwing op 13 augustus 2015. Daarmee staat vast dat de in die waarschuwing genoemde facturen die aan werknemer zijn voldaan, niet aan werkgever zijn afgedragen. Voorts staat vast dat daaraan voorafgaand ook al een eerste incident (‘omdat dit niet de eerste keer is’) omtrent het niet afdragen van contante betalingen door werknemer aan zijn werkgever had plaatsgevonden. Op de door werkgever overgelegde kopieën van de originele facturen van Nijs van Bijnen en Cycle and Ride staat ‘voldaan’, de datum en de handtekening van werknemer. Daarmee staat vast dat werknemer deze contante betalingen in ontvangst heeft genomen. Verder zijn door werkgever diverse geldontvangstlijsten overgelegd. Verder acht de kantonrechter van belang dat uit de overgelegde whatsappberichten, die kort nadat werknemer op staande voet was ontslagen door hem aan werkgever zijn verzonden, niet blijkt dat hij bezwaar maakt tegen het ontslag op staande voet. Sterker nog, hij lijkt in zijn ontslag te berusten. De dringende reden is genoegzaam komen vast te staan. De persoonlijke omstandigheden van werknemer en de ingrijpende gevolgen van het ontslag op staande voet maken dat niet anders. Werknemer heeft door zijn handelen immers ook het vertrouwen van zijn werkgever ernstig geschaad. Het verzoek tot vernietiging van het ontslag en de overige vorderingen van werknemer worden afgewezen. Omdat in casu sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer, kan ook geen transitievergoeding aan werknemer ten laste van werkgever worden toegekend.