Naar boven ↑

Rechtspraak

FNV c.s./Lyondell Chemie Nederland BV
Gerechtshof Den Haag (Locatie Den Haag), 18 april 2017
ECLI:NL:GHDHA:2017:966

FNV c.s./Lyondell Chemie Nederland BV

Collectieve loonsverhogingsvordering. Voor de uitleg van een ondernemingsovereenkomst geldt in beginsel de Haviltex-norm. Het onderhavige protocol regelt echter de totstandkoming van arbeidsvoorwaarden van derden, die bij deze totstandkoming niet betrokken zijn, zoals de werknemers. Dat is reden om voor de uitleg de zogeheten cao-norm te hanteren.

Feiten

De OR voor de vestiging van Lyondell Chemie Nederland BV (hierna: Lyondell) op de Maasvlakte/Botlekgebied is in februari 2007 het Protocol Arbeidsvoorwaardenoverleg overeengekomen (hierna: het AVW Protocol). Het AVW Protocol beschrijft het proces van onderhandeling tussen LCN en OR met betrekking tot de arbeidsvoorwaarden, in het bijzonder eventuele loonsverhoging. Zowel begin 2007 als begin 2008 komen LCN en de OR aan de hand van het AVW Protocol loonsverhogingen overeen. Lyondell heeft aan de OR meegedeeld dat er geen salarisverhogingen per 1 april 2009 konden worden ingevoerd, vanwege ernstige financiële problemen. 43 werknemers en de vakbonden FNV en CNV vorderen loonsverhoging over de jaren 2009 en 2010 op basis van het AWV Protocol. De kantonrechter verklaarde in eerste aanleg voor recht dat het AWV Protocol voor onbepaalde duur geldig is, maar dat gelet op de financiële situatie bij Lyondell het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is om Lyondell te verplichten over de jaren 2009 en 2010 loonsverhogingen door te voeren. Tegen dit vonnis komen FNV, CNV en de 43 werknemers in hoger beroep.

Oordeel

Voor de uitleg van het AWV Protocol, een ondernemingsovereenkomst in de zin van artikel 32 lid 2 WOR, geldt in beginsel de Haviltex-norm. Dit protocol regelt echter de totstandkoming van arbeidsvoorwaarden van derden, die bij deze totstandkoming niet betrokken zijn, zoals de werknemers. Dat is reden om voor de uitleg de zogeheten cao-norm te hanteren. Het protocol kan niet anders worden uitgelegd dan als een ‘proces van onderhandeling’ tussen de OR en Lyondell voor het vaststellen van een eventuele loonstijging en de in het kader daarvan toe te passen voorschotten en verrekeningen. De stelling van de FNV en CNV dat die onderhandeling feitelijk niet meer is dan een invuloefening van getallen is onvoldoende onderbouwd. De stelling dat het protocol is geïncorporeerd in de individuele arbeidsovereenkomsten van de werknemers wordt verworpen. Het protocol maakt geen deel uit van de ‘Policies & Procedures Manual’. Het enkele feit dat de uitkomst van de onderhandelingen op grond van het protocol, namelijk een loonsverhoging, door stilzwijgende aanvaarding deel is gaan uitmaken van de individuele arbeidsovereenkomst, betekent niet dat dit ook geldt voor de procesafspraken tussen de OR en Lyondell over deze onderhandelingen. Weliswaar is in de Mededeling van 22 april 2008 aangekondigd dat de arbeidsvoorwaardelijke verhoging door middel van onderhandelingen zal worden vastgesteld, maar er is onvoldoende gesteld om te oordelen dat het hier om meer gaat dan een aankondiging. Ook de stelling dat het systeem inzake de berekening van de jaarlijkse loonsverhogingen een derdenbeding is, wordt verworpen. In de tekst van het protocol is een beding met die strekking – een door de werknemers afdwingbare verplichting van Lyondell om het ‘proces van onderhandeling’ met de OR in te gaan – niet te lezen, ook niet in samenhang met de Mededeling van 22 april 2008. Ten aanzien van deze Mededeling geldt dat – als gezegd – daarmee slechts de uitkomst van de onderhandelingen is meegedeeld en aangekondigd wat er in het najaar van 2008 zou gebeuren. De overige geschilpunten tussen partijen behoeven bij deze uitkomst niet beoordeeld te worden. De vorderingen van de bonden en de werknemers worden integraal afgewezen.