Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/Careyn Holding B.V.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Arnhem), 8 februari 2017
ECLI:NL:GHARL:2017:924

werkneemster/Careyn Holding B.V.

Werkneemster verzoekt herstel van de arbeidsovereenkomst na opzegging door werkgever in verband met reorganisatie. Afspiegelingsbeginsel is juist toegepast, herplaatsing in een andere passende functie niet mogelijk. Vonnis kantonrechter wordt bekrachtigd.

Feiten

Werkneemster is met ingang van 17 februari 1997 in dienst getreden bij (de rechtsvoorganger van) Careyn, in de functie van algemeen administratief medewerkster. Careyn heeft een reorganisatie doorgevoerd. De ondersteunende activiteiten zijn ondergebracht in het bedrijfsonderdeel Chief Financial Officer (CFO). Bij brief van 13 februari 2015 is aan werkneemster meegedeeld dat zij is ingedeeld in de IST-functie (bestaande functie) van secretaresse teammanager/team. Werkneemster heeft geen bezwaar gemaakt tegen haar indeling in de functie secretaresse teammanager/team. Bij brief van 9 april 2015 heeft Careyn aan werkneemster meegedeeld dat de functie van secretaresse teammanger/team volledig komt te vervallen en dat zij met ingang van 31 maart 2015 herplaatsbaar wordt gesteld. Bij brief van 1 mei 2015 heeft Careyn aan werkneemster meegedeeld dat er geen passende functie kan worden aangeboden en dat werkneemster per 1 mei 2015 aangekondigd boventallig is en vanaf 1 december 2015 tot en met 1 februari 2016 volledig boventallig. Bij brief van 8 oktober 2015 heeft Careyn toestemming gevraagd aan het UWV om de arbeidsovereenkomst met werkneemster wegens bedrijfseconomische redenen op te zeggen. Bij brief van 26 november 2015 heeft Careyn de arbeidsovereenkomst met toestemming van het UWV opgezegd tegen 1 maart 2016. De kantonrechter heeft geoordeeld dat van strijd met artikel 7:669 lid 3 onderdeel a BW geen sprake is, dat de opzegging van de arbeidsovereenkomst door Careyn rechtsgeldig is en dat de verzoeken van werkneemster tot herstel van de arbeidsovereenkomst en tot toekenning van een billijke vergoeding ter hoogte van € 40.000 worden afgewezen.

Oordeel

Afspiegeling en uitwisselbare functies

Werkneemster heeft tegen de beschikking twee grieven aangevoerd. In grief I stelt werkneemster dat door Careyn vacatures zijn opengesteld voor de functie van administratief medewerker, dat deze functie uitwisselbaar is met de functie die zij bij Careyn vervulde en dat ten onrechte geen juiste afspiegeling heeft plaatsgevonden. Daarbij is van belang dat werkneemster gedurende haar hele dienstverband werkzaam is geweest in de functie van administratief medewerker en dat zij tot het einde van haar dienstverband vele uiteenlopende administratieve ondersteunende werkzaamheden heeft verricht ten behoeve van diverse afdelingen van Careyn. Het hof stelt voorop dat werkneemster niet betwist dat de functie van secretaresse teammanager/team ten gevolge van de reorganisatie is komen te vervallen. Bij de beoordeling van de vraag of sprake is van uitwisselbare functies komt het aan op een vergelijking van de functies op basis van de functieomschrijvingen. Uit de vragenlijst die werkneemster heeft ingevuld in het kader van het onderzoek naar de functiebenaming en functie-indeling van de secretaresses en administratieve medewerkers blijkt dat werkneemster zelf heeft aangegeven dat zij in de referentieperiode, die tot uitgangspunt is genomen bij de reorganisatie, voor teammanagers/zorgmanager en team/afdeling werkte en heeft zij daarbij werkzaamheden aangekruist die overeenkomen met die genoemd in de functiebeschrijving secretaresse teammanager/team. Werkneemster heeft tegen de indeling in de functie secretaresse teammanager/team ook geen bezwaar gemaakt en wist dat indeling in een functiegroep van belang en bepalend was voor de vraag hoe de reorganisatie voor haar verder zou verlopen. In deze omstandigheden kan werkneemster zich er niet achteraf in deze procedure met succes op beroepen dat de functie niet strookt met haar werkelijke werkzaamheden. Het hof gaat bij de verdere beoordeling dan ook uit van de indeling van werkneemster in de (door de reorganisatie vervallen) functie secretaresse teammanager/team. Vervolgens rijst de vraag of, zoals werkneemster stelt maar Careyn betwist, deze functie uitwisselbaar is met de functie van administratief medewerker. Careyn heeft naar het oordeel van het hof voldoende toegelicht en onderbouwd dat de functie secretaresse teammanager/team niet uitwisselbaar is met de functie van administratief medewerker. De functiewaardering is verschillend. Daarnaast heeft Careyn een overzicht van de beide functiebeschrijvingen overgelegd. Werkneemster heeft in dat verband niet (gemotiveerd) aangevoerd dat de werkzaamheden van een administratief medewerker ook secretariële werkzaamheden omvatten. Nu uit het voorgaande volgt dat van uitwisselbare functies geen sprake is, behoefde het afspiegelingsbeginsel niet te worden toegepast. Grief I faalt.

Herplaatsing in passende functie

Met grief II betoogt werkneemster dat de kantonrechter ten onrechte heeft geoordeeld dat herplaatsing in een andere passende functie binnen een redelijke termijn niet mogelijk is. Het hof oordeelt als volgt. Op grond van artikel 9 lid 1 van de Ontslagregeling worden bij de beoordeling of binnen de onderneming van de werkgever een passende functie beschikbaar is voor een werkneemster, arbeidsplaatsen betrokken waarvoor een vacature bestaat of binnen de redelijke termijn bedoeld in artikel 10 van de Ontslagregeling een vacature zal ontstaan. De vacature voor administratief medewerker is, zoals werkneemster onder 11 van haar beroepschrift heeft aangevoerd, geplaatst op 17 mei 2016, derhalve twee maanden na het verstrijken van de redelijke termijn. Werkneemster heeft voor het eerst ter zitting aangevoerd dat de vacature tijdens de redelijke termijn voorzienbaar was, maar het hof gaat aan deze stelling voorbij. Voorts heeft werkneemster onvoldoende gemotiveerd betwist dat op grond van het sociaal plan een arbeidsbeperkte kandidaat voorrang op haar als herplaatsingskandidaat zou hebben. Het beroep van werkneemster op strijd met artikel 7:669 lid 1 BW faalt en daarmee faalt ook grief II.

Nu het hoger beroep niet slaagt zal de beschikking van de kantonrechter worden bekrachtigd.