Rechtspraak
Rechtbank Limburg (Locatie Maastricht), 30 september 2020
ECLI:NL:RBLIM:2020:7470
Feiten
Bij Movare stond een vacature open voor een leraar. Naar aanleiding van de sollicitatie van werknemer is aan hem een e-mailbericht gezonden waarin is medegedeeld dat hem een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd wordt aangeboden. Op 5 juli 2019 is aan werknemer gevraagd diverse formulieren, een kopie van zijn diploma en identiteitsbewijs toe te sturen. Op 10 juli 2019 is door Movare een VOG-aanvraag opgestart. Op 19 augustus 2010 is werknemer met zijn werkzaamheden begonnen, met enige begeleiding. Op 21 augustus 2019 heeft werknemer gevraagd of hij in dienst is bij Movare. Diezelfde dag heeft Movare een nieuwe VOG aangevraagd en heeft Movare werknemer nogmaals gevraagd om de documenten. Op 29 augustus 2019 heeft werknemer zich ziek gemeld. Diezelfde dag heeft hij een voorschot gekregen op zijn salaris. Bij brief van 12 september 2019 heeft Movare aan werknemer medegedeeld dat Movare niet meer bereid is om een dienstverband aan te bieden, omdat hij geen VOG heeft verstrekt, onbereikbaar is en bij herhaling niet reageert op berichten van Movare. Bij brief van 23 oktober 2019 heeft werknemer zich op het standpunt gesteld dat al een arbeidsovereenkomst met werknemer tot stand is gekomen. Werknemer vordert onder meer loondoorbetaling.
Oordeel
Over de essentialia van de arbeidsovereenkomst was overeenstemming bereikt. Het beschikken over een VOG is op grond van de Wet op het primair onderwijs een essentieel element om invulling te kunnen en mogen geven aan de arbeidsovereenkomst en partijen waren zich daarvan bewust. Movare heeft tot tweemaal toe een VOG aangevraagd. Volgens werknemer heeft hij de eerste VOG opgestuurd aan Movare, maar zij stelt dat zij deze niet heeft ontvangen. De tweede VOG heeft werknemer – volgens Movare – uiteindelijk op 27 augustus 2019 verstrekt. Volgens Movare was dit echter veel te laat. De vraag is of uit de correspondentie en/of de handelwijze van partijen volgt dat het tijdig – vóór aanvang van het schooljaar 2019/2020 – beschikken over een VOG een essentieel element is noodzakelijk voor de totstandkoming van de arbeidsovereenkomst. De kantonrechter vindt hier geen steun voor. In de e-mail heeft Movare werknemer een arbeidsovereenkomst aangeboden, zonder enig voorbehoud. Door aanvaarding is de arbeidsovereenkomst tot stand komen en partijen hebben zich dienovereenkomstig gedragen. Dat op 21 augustus 2019 opnieuw een VOG is aangevraagd, pleit eveneens tegen het standpunt van Movare dat het essentieel was voor het ontstaan van een dienstverband dat de VOG vóór aanvang van het schooljaar moest zijn verstrekt; het schooljaar was toen immers al begonnen. De vorderingen worden toegewezen.