Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Lacta Fides Health Care B.V.
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 23 april 2018
ECLI:NL:RBROT:2018:3503

werknemer/Lacta Fides Health Care B.V.

Verzoek om aanzegvergoeding en loonbetalingsvordering hangen zodanig samen met niet vastgestelde omvang van de arbeidsovereenkomst, dat beide niet kunnen worden toegewezen.

Feiten

Werkneemster is met ingang van 1 juni 2017 voor zes maanden in dienst getreden bij Lacta Fides Health Care B.V. (hierna: Lacta Fides) in de functie van zorgcoördinator tegen een uurloon van € 16,04 bruto. Op de arbeidsovereenkomst is de CAO verpleeg-, verzorgingshuizen of de Thuiszorg (hierna: de cao) van toepassing. Op 31 augustus 2017 heeft werkneemster zich ziek gemeld. Bij brief van 19 september 2017 heeft Lacta Fides de loonbetaling aan werkneemster opgeschort, omdat niet kon worden beoordeeld of werkneemster recht op loondoorbetaling had. Werkneemster vordert c.q. verzoekt thans Lacta Fides te veroordelen tot betaling van achterstallig loon en een aanzegvergoeding. Lacta Fides betwist dat de rechtsverhouding tussen partijen wordt beheerst door een arbeidsovereenkomst en voert aan dat werkneemster op oproepbasis voor Lacta Fides zou werken. Daarnaast wordt aangevoerd dat werkneemster zich vanaf haar ziekmelding heeft onttrokken aan controle en tijdens haar ziekte zonder toestemming van Lacta Fides reizen heeft gemaakt.

Oordeel

Werkneemster stelt dat de omvang van de arbeidsovereenkomst tussen partijen 36 uur is en heeft ter onderbouwing van haar stelling dezelfde bescheiden in het geding gebracht als in een kortgedingprocedure van 8 december 2017 (6401636 \ VV EXPL 17-418). In die procedure heeft de kantonrechter geoordeeld dat op basis van die stukken niet kon worden vastgesteld wat de arbeidsomvang van en het gemiddelde loon van werkneemster was. In de onderhavige procedure komt de kantonrechter, gelet op het hiernavolgende, tot eenzelfde oordeel.

Arbeidsomvang (art. 7:610b BW)

Werkneemster heeft geen schriftelijke arbeidsovereenkomst in het geding gebracht, maar slechts een schriftelijk, niet ondertekend exemplaar van een arbeidsovereenkomst. Volgens de kantonrechter is dan ook geen contract voorhanden dat duidelijkheid kan scheppen over de arbeidsomvang. Werkneemster beroept zich verder op haar urenoverzichten van de maanden juli en augustus 2017 om op basis van het gemiddelde daarvan op grond van artikel 7:610b BW de omvang van de bedongen arbeid vast te stellen. Lacta Fides betwist de juistheid van deze urenoverzichten, omdat deze met de hand zijn ingevuld terwijl het digitaal invoeren van de uren volgens Lacta Fides een vereiste is voor uitbetaling van die uren. Naar het oordeel van de kantonrechter is dit een redelijk voorschrift, zodat werkneemster gehouden was om daaraan te voldoen. Hier komt bij dat werkneemster het urenoverzicht van de maand juni wel digitaal heeft ingevoerd. De kantonrechter concludeert dan ook dat werkneemster niet geslaagd is bewijs aan te dragen voor de door Facta Fides betwiste urenoverzichten. De arbeidsomvang van werkneemster is niet komen vast te staan.

Loonvordering en aanzegvergoeding

Lacta Fides heeft de loondoorbetaling aan werkneemster vanaf 19 september 2017 opgeschort op grond van artikel 7:629 lid 6 BW. Gelet op het feit dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen inmiddels is geëindigd, kan opschorting geen effect meer sorteren, zodat de loondoorbetalingsverplichting van Lacta Fides jegens werkneemster als het ware – in beginsel, als die zou komen vast te staan – weer is herleefd. Voorts is op zitting gebleken dat Lacta Fides niet heeft voldaan aan haar aanzegverplichting, zodat zij een aanzegvergoeding aan werkneemster is verschuldigd. Desondanks oordeelt de kantonrechter dat het verzoek om een aanzegvergoeding en de loonbetalingsvordering zodanig samenhangen met de niet-vastgestelde omvang van de arbeidsovereenkomst dat beide niet kunnen worden toegewezen en dus worden afgewezen.