Rechtspraak
Rechtbank Limburg (Locatie Roermond), 6 juni 2018
ECLI:NL:RBLIM:2018:5391
Stichting Aanvullingsfonds Bouw & Infra c.s./Wecob Dak B.V.
Feiten
Bouw & Infra heeft gevorderd dat Wecoba wordt veroordeeld tot het voldoen van de vordering zoals die in de dagvaarding (in de hoofdzaak) is verwoord. Voordat daartegen inhoudelijk verweer is gevoerd, heeft Wecoba de bevoegdheid van de kamer voor kantonzaken aan de orde gesteld. Wecoba stelt dat de kamer voor kantonzaken onbevoegd is van de zaak kennis te nemen nu de kamer voor andere zaken dan kantonzaken van de Rechtbank Limburg met zittingslocatie Roermond de bevoegde rechter is.
Oordeel
Wecoba heeft ten onrechte een beroep gedaan op de absolute onbevoegdheid van de kamer voor kantonzaken. De onderhavige zaak betreft immers een vordering als bedoeld in artikel 93 Rv. Deze vorderingen vloeien voort uit de algemeen verbindend verklaarde cao. Ook ten aanzien van eiseres sub 2 is de kantonrechter, gelet op artikel 25 van de Wet BPF 2000, bevoegd van de vordering kennis te nemen. De incidentele vordering wordt daarom afgewezen en Wecoba zal in de kosten van dit incident worden veroordeeld. In de hoofdzaak wordt de zaak verwezen naar de rolzitting van 4 juli 2018 voor conclusie van antwoord.