Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Haarlem), 21 juli 2017
ECLI:NL:RBNHO:2017:7403
InterXion HeadQuarters B.V./werkneemster
Feiten
Werkneemster is in 2011 bij InterXion HeadQuarters B.V. (hierna: InterXion) in dienst getreden in de functie van ‘Financial Accountant HQ’, tegen een salaris van € 4.802 bruto. Over het jaar 2015 heeft werkneemster een goede evaluatie met betrekking tot haar functioneren gekregen. In datzelfde jaar heeft de leidinggevende van werkneemster haar voorgedragen voor een promotie in de functie van ‘Deputy Finance Manager’. Dit verzoek is echter niet gehonoreerd. Nadien is de verstandhouding tussen partijen dermate verslechterd dat InterXion thans ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens een verstoorde arbeidsverhouding (g-grond) verzoekt. Werkneemster verzoekt een transitievergoeding en vordert betaling van een tussen partijen overeengekomen jaarlijkse bonus.
Oordeel
Ontbinding g-grond
De kantonrechter stelt voorop dat voldoende is komen vast te staan dat de arbeidsverhouding tussen partijen ernstig en duurzaam is verstoord, en dat partijen het hierover zelf ook eens zijn. In dit verband wordt verwezen naar de correspondentie tussen partijen sinds medio 2016, waaruit volgt dat communicatie op normale en constructieve wijze tussen partijen niet meer mogelijk is. Zo beticht werkneemster InterXion van ‘leugens’ en stelt zij dat haar leidinggevenden zich onprofessioneel opstellen en haar ‘misbruiken, vernederen en afzeiken’. InterXion stelt op haar beurt dat het functioneren van werkneemster sinds medio 2016 is verslechterd. Verder oordeelt de kantonrechter dat de verstoorde arbeidsverhouding mede het gevolg is van de opstelling van werkneemster, haar kennelijke onvermogen te reflecteren op haar aandeel in het conflict en haar fixatie op bepaalde ideeën. Zo dacht werkneemster tijdens een gesprek van 25 januari 2017 daadwerkelijk te zijn ontslagen, terwijl InterXion slechts haar voornemen tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst kenbaar had gemaakt. Ook volgt uit een geluidsopname van een gesprek van 7 maart 2017 dat werkneemster haar eigen zelfreflectie als ‘perfect’ beoordeelde. Toen de kantonrechter aan werkneemster vroeg waarom InterXion volgens haar naar beëindiging van het dienstverband streeft, antwoordde zij dat haar leidinggevende zich in zijn positie binnen het bedrijf door haar bedreigd zou voelen. Dat werkneemster ernstig verwijtbaar heeft gehandeld is evenwel niet gebleken, zodat zij aanspraak maakt op een transitievergoeding van € 9.566 bruto. Hierbij is opgeteld een bedrag van 1/12 van de jaarlijkse bonus van 10% van € 50.000 (zijnde: € 416,66 bruto).
Billijke vergoeding
Nu niet is verzocht om toekenning van een billijke vergoeding kan de kantonrechter hierover geen oordeel geven. Ten overvloede wordt echter overwogen dat noch op grond van de stukken, noch op grond van het verhandelde ter zitting, de indruk bestaat dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld jegens werkneemster.
Bonus
Werkneemster heeft op grond van haar arbeidsovereenkomst recht op een variabele bonus van maximaal 10% van het ‘total fixed income’ per jaar. De bonus wordt berekend op basis van individuele prestaties, teamprestaties en bedrijfsresultaten. Voorts wordt de bonus toegekend op basis van het behalen van individuele doelstellingen en het feit dat een werkneemster op 31 december van het betreffende jaar nog voor InterXion werkzaam is en gedurende dat jaar niet op non-actief is gesteld. Volgens de kantonrechter moet ervan worden uitgegaan dat aan voornoemde vereisten is voldaan, omdat partijen over het jaar 2016 geen functioneringsgesprek hebben gevoerd en de (enige) directe collega van werkneemster de maximale bonus heeft ontvangen. De vordering van werkneemster tot toekenning van de maximale bonus van 10% van haar brutojaarsalaris wordt derhalve toegewezen en komt neer op € 5.000 bruto.