Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/Arrow Services B.V.
Gerechtshof Den Haag (Locatie Den Haag), 15 januari 2019
ECLI:NL:GHDHA:2019:22

werkneemster/Arrow Services B.V.

Uitzendkracht maakt ook in avv-loze periode aanspraak op loon en vergoedingen. Werkgever mag worden verondersteld bekend te zijn met de cao voor de vleessector, nu hij zich uitsluitend met die branche bezighoudt.

Feiten

Werkneemster is op 24 juli 2014 voor de duur van 26 weken als uitzendkracht in dienst getreden bij Arrow. De uitzendovereenkomst is vervolgens verlengd voor de duur van 104 weken en nogmaals voor de duur van 12 maanden. Op de uitzendovereenkomst is de NBBU-cao van toepassing. Werkneemster is afwisselend bij twee ondernemingen tewerkgesteld. Bij de inleners was de Cao voor de vleessector van toepassing. In de periode van 11 november 2014 tot 1 november 2017 was de cao voor de Vleessector algemeen verbindend verklaard. Werkneemster vordert in eerste aanleg onder meer de aanzegvergoeding, de transitievergoeding, eindejaarsuitkering en te weinig betaald loon en toeslag. In eerste aanleg heeft de kantonrechter de transitievergoeding, de eindejaarsuitkering en het loon en toeslagen toegekend. Werkneemster komt op tegen de afwijzing van de overige vorderingen en verzoekt alsnog volledige toewijzing.

Oordeel

Het hof stelt vast dat werkneemster valt onder de cao voor de Vleessector op het moment dat deze algemeen verbindend is verklaard. Werkneemster heeft echter ook op het moment dat de cao voor de vleessector niet algemeen verbindend was verklaard recht op hetzelfde loon en dezelfde vergoedingen als die welke worden toegekend aan werknemers in een gelijke of vergelijkbare functie van de inlener. Voorstaande komt erop neer dat werkneemster ook tijdens de periode dat de cao niet algemeen verbindend was, aanspraak maakt op het loon en de toeslagen conform de cao. De eindejaarsuitkering valt hier niet onder. Werkneemster maakt slechts in de jaren dat de cao algemeen verbindend was verklaard aanspraak op de eindejaarsuitkering. Het beroep van Arrow inhoudend dat zij de toepassing van de inlenersbeloning heeft gebaseerd op de informatie als verstrekt door de inlener en er geen sprake was van opzet dan wel kennelijk misbruik en dat daarom toepassing van de inlenersbeloning niet met terugwerkende kracht kan worden toegepast, wordt door het hof verworpen. Volgens het hof is sprake van opzet dan wel van kennelijk misbruik, nu mag worden verondersteld dat Arrow bekend is met de cao voor de vleessector. Arrow houdt zich immers (nagenoeg) uitsluitend bezig met het uitzenden van werknemers in de vleeswerkende industrie. Werkneemster heeft geen recht op de door haar gevorderde vergoeding van reistijd, omdat zij collega’s moest ophalen. Reistijd valt onder eigen tijd en dat is in dit geval niet anders. Ten aanzien van de aanzegvergoeding overweegt het hof dat direct aan het begin van de arbeidsovereenkomst kenbaar mag worden gemaakt dat de arbeidsovereenkomst niet zal worden voortgezet. Nu hieromtrent in de uitzendovereenkomst een bepaling was opgenomen, heeft Arrow voldaan aan haar aanzegplichting.