Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/Rotterdam Short Sea Terminals B.V.
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 24 juli 2019
ECLI:NL:RBROT:2019:6014

werkneemster/Rotterdam Short Sea Terminals B.V.

De functie van werkneemster, medewerkster facturatie, is vervallen. Onvoldoende is gebleken dat haar functie inwisselbaar is met de functie van facturist. De opzegging wegens bedrijfseconomische redenen is volgens de wet geschied.

Feiten

Werkneemster is op 1 september 2005 bij RST in dienst getreden. Op 26 september 2018 heeft RST door middel van een voorlopige aanvraag toestemming aan het UWV gevraagd om de arbeidsovereenkomst met werkneemster op te zeggen wegens bedrijfseconomische redenen. Werkneemster is op 27 september 2018 vrijgesteld van werkzaamheden. Op 8 januari 2019 heeft het UVW toestemming verleend, waarna de arbeidsovereenkomst per 1 maart 2019 is opgezegd. Werkneemster verzoekt om de arbeidsovereenkomst met terugwerkende kracht te herstellen en haar weder te werk te stellen. Zij voert daarbij aan dat de opzegging door het UWV op valse gronden is toegestaan, omdat haar functie niet is vervallen en niet is voldaan aan de herplaatsingsverplichting.

Oordeel

Het verzoek van werkneemster kan gehonoreerd worden indien de opzegging in strijd is met artikel 7:669 lid 1 of 3 sub a BW. Bij de uitleg van de redelijke grond hebben ‘De Beleidsregels Ontslagtaak UWV’ nog steeds zeggenskracht. Eveneens is het bewijsrecht van toepassing. De functie van werkneemster, medewerkster facturatie, is niet inwisselbaar met de functie van facturist. Werkneemster voerde voornamelijk controlewerkzaamheden uit, waarbij zij het werk van de facturist controleert. Werkneemster heeft evenmin voldoende onderbouwd gesteld dat haar functie onderling uitwisselbaar is met een andere functie binnen RST. Aangesloten wordt derhalve bij het standpunt van RST dat sprake is van een unieke functie. Nu gesteld wordt dat beide arbeidsplaatsen van medewerker facturatie vervallen, wordt aan een bespreking van het (correct toepassen van het) afspiegelingsbeginsel niet toegekomen. Werkneemster heeft daarnaast onvoldoende gemotiveerd dat de herstructurering in de praktijk geen vermindering van haar werkzaamheden tot gevolg heeft gehad. Gelet op de keuzevrijheid die RST toekomt om haar bedrijf in te richten op de wijze die haar goed dunkt, bestaat bovendien onder de omstandigheden geen verplichting voor RST aan werkneemster een arbeidsovereenkomst aan te bieden voor een klein percentage van haar arbeidsomvang voor de enkele werkzaamheden van een medewerker facturatie die niet (volledig) zijn komen te vervallen. Verder ligt, gelet op de achterliggende oorzaak van het vervallen van de functie van werkneemster, herplaatsing niet voor de hand. De herstructurering van de organisatie behelst gelet op het beoogde doel van kostenbesparing niet alleen de afdeling van werkneemster maar heeft betrekking op de gehele onderneming. Niet is gesteld of gebleken dat er passende vacatures open stonden of te voorzien was dat die zich binnen redelijke termijn zouden voordoen. Het hof oordeelt dat de opzegging conform de eisen van de wet is geschied. Het verzoek tot uitbetaling van nog openstaande vakantiedagen is afgewezen, omdat dit verzoek onvoldoende is gemotiveerd.