Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Arnhem), 10 maart 2020
ECLI:NL:GHARL:2020:2136
Feiten
Werkneemster is in dienst bij Albron en werkte in het bedrijfsrestaurant van Mars Food Europa C.V. Op 2 februari 2010 is werkneemster een ongeval overkomen tijdens haar werk. Ze werkte die dag samen met B in de keuken. In de ongevalrapportage is opgenomen dat er – kort gezegd – een (ongebruikt) rekje op de grond was gevallen toen B een (heet) rek uit de oven haalde. Werkneemster is het gevallen rekje gaan staan, waardoor ze haar enkel heeft verzwikt. Werkneemster heeft in eerste aanleg verzocht/gevorderd voor recht te verklaren dat Albron aansprakelijk is voor de geleden en nog te lijden (im)materiële schade. De kantonrechter heeft het verzoek/de vordering afgewezen. Werkneemster komt op tegen het vonnis.
Oordeel
Aansprakelijkheid op grond van artikel 7:658 BW
Vaststaat dat werkneemster schade heeft geleden als gevolg van een bedrijfsongeval. Het systeem van de wet brengt mee dat Albron moet aantonen dat zij aan haar zorgplicht heeft voldaan. Het betoog van werkneemster komt erop neer dat ongebruikte ovenrekken altijd in dat opbergrek geplaatst moeten worden en dat in de oven geen ongebruikte ovenrekken geplaatst mogen worden. Werkneemster onderbouwt niet dat er (algemeen geldende) veiligheidsvoorschriften bestaan die een dergelijke handelwijze voorschrijven of die meebrengen dat het gegeven dat er in een (warme) oven een ongebruikt ovenrek zit de werkplek in zijn algemeenheid onveilig zou maken. Het hof ziet ook niet in dat door ongebruikte ovenrekken altijd in een opbergrek te plaatsen ongelukken in het algemeen voorkomen kunnen worden. Als een ovenrek (dat na gebruik ook warm kan zijn) uit het opbergrek gehaald wordt, kan het immers evenzeer gebeuren dat er een ander rek mee schuift en op de grond valt. Dat dit specifieke ongeval niet zou hebben plaatsgevonden als zich geen ongebruikt ovenrek in de oven had bevonden, maakt het voorgaande niet anders, hoe spijtig dat ook is voor werkneemster.
Aansprakelijkheid op grond van artikel 6:170 BW
Tussen partijen is niet in geschil dat Albron aansprakelijk is voor de schade van werkneemster, als zou komen vast te staan dat B een fout heeft gemaakt in de zin van artikel 6:170 BW. Onder fout wordt verstaan een toerekenbare onrechtmatige daad. Volgens werkneemster heeft B gevaarzettend gehandeld door het ovenrek uit de oven te laten vallen. Daarnaast verwijt werkneemster B dat hij het ovenrek niet zo snel als mogelijk van de vloer heeft verwijderd en dat hij haar niet, althans niet adequaat, heeft gewaarschuwd voor valgevaar. Het hof oordeelt dat in deze zaak sprake was van een ongeluk. B heeft verklaard dat hij toen het ovenrek uit de oven viel, iets heeft geroepen als ‘Pas op, heet’. Het hof stelt vast dat, nu het hier gaat om een ongeluk, sprake is van een dynamische situatie, waarbij de gebeurtenissen elkaar snel opvolgen en gehandeld wordt in de hectiek van het moment. B kan niet worden verweten dat hij als eerste het ovenrek met hete producten heeft weggezet op de werkbank, zodat dit rek ten minste veilig stond en hij beide handen weer vrij had. Van hem kon evenmin worden gevergd om (tegelijkertijd) het gevallen ovenrek met zijn been weg te schoppen. Al met al is sprake van een ongelukkige samenloop van omstandigheden. Het vonnis wordt bekrachtigd.