Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/ Sodexo Remote Sites The Netherlands B.V.
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 25 maart 2020
ECLI:NL:RBNHO:2020:2374
De brief betreft geen eenzijdige wijziging, maar een wijzigingsovereenkomst, omdat deze door beide partijen is ondertekend. Werknemer heeft niet aannemelijk gemaakt dat de offshore-allowance zou blijven gelden in aanvulling op de gestelde arbeidsvoorwaarden.

Feiten

Werknemer is vanaf 2012 of 2013 bij Sodexo in dienst geweest op basis van meerdere arbeidsovereenkomsten, aanvankelijk met onderbrekingen. In de periode van 1 mei 2014 tot en met 29 oktober 2016 heeft werknemer zonder onderbreking voor Sodexo gewerkt aan boord van de Seafox 2, op basis van vier arbeidsovereenkomsten, waarin naar de CLE Offshore Catering (hierna: ‘de cao’) is verwezen. Per 1 augustus 2015 is de Seafox 2, en daarmee de arbeidslocatie van werknemer, verplaatst van het Nederlandse naar het Engelse gedeelte van het continentaal plat. Sodexo heeft schriftelijk aangegeven dat de arbeidsvoorwaarden worden gewijzigd, hetgeen werknemer heeft ondertekend. Werknemer heeft zijn werkzaamheden voor Sodexo uitgevoerd op het Engelse gedeelte van het continentaal plat in de periode van 1 augustus 2015 tot en met 31 mei 2016. De laatste twee arbeidsovereenkomsten zijn door partijen ondertekend op 30 oktober 2015 respectievelijk 16 maart 2016. Werknemer vordert onder meer een verklaring voor recht dat hij recht heeft op offshore-allowance als bedoeld in de cao voor de periode dat hij werkzaam was op het Engelse gedeelte.

Oordeel

Toepasselijk recht en bevoegdheid

Op grond van artikel 21 lid 1 sub a van de Herschikte EEX-Verordening komt de Nederlandse rechter rechtsmacht toe en is de kantonrechter bevoegd, omdat Sodexo gevestigd is in Hoorn. Uit artikel 8 Rome I volgt dat het Nederlands recht van toepassing is, nu partijen in de arbeidsovereenkomst uitdrukkelijk hebben gekozen voor Nederlands recht en werknemer meestentijds, c.q. gewoonlijk, zijn werkzaamheden heeft verricht op het Nederlandse gedeelte van het continentaal plat.

Offshore allowance

Sodexo betwist niet dat de cao van toepassing is, maar stelt zich op het standpunt dat de cao niet van toepassing is in de periode van 1 augustus 2015 tot 31 mei 2016. Volgens Sodexo gold de COTA zo lang werknemer werkzaam was op het Engelse deel van het continentaal plat, en dienden de genoemde arbeidsovereenkomsten met de geïncorporeerde CAO als vangnet voor de periode dat de COTA niet (langer) van toepassing zou zijn. Het verweer van Sodexo slaagt. Met Sodexo is de kantonrechter van oordeel dat geen sprake is van een eenzijdige wijziging, maar een wijzigingsovereenkomst, nu de brief door beide partijen is ondertekend. Het standpunt van werknemer komt er feitelijk op neer dat de salarisbetaling vanaf 1 augustus 2015 zou moeten plaatsvinden overeenkomstig de COTA, en dat in aanvulling daarop als enige arbeidsvoorwaarde op grond van de CAO de variabele offshore allowance nog zou blijven gelden. Waaruit werknemer dit redelijkerwijs heeft mogen opmaken is niet voldoende geconcretiseerd en onderbouwd. De vordering wordt afgewezen.

Overige vergoedingen

Tussen partijen is niet in geschil dat het Nederlandse recht van toepassing is. Dat betekent dat werknemer recht heeft op vakantiebijslag. Niet is gebleken dat partijen in afwijking van artikel 17 WML uitdrukkelijk en schriftelijk zijn overeengekomen dat de vakantiebijslag onderdeel is van het maandelijks uitbetaalde loon; werknemer heeft recht op betaling van vakantiegeld. Ook de vordering tot uitbetaling van opgebouwde, niet genoten vakantiedagen is toewijsbaar.