Rechtspraak
Rechtbank Den Haag (Locatie Den Haag), 29 mei 2020
ECLI:NL:RBDHA:2020:6691
Feiten
Werknemer is met ingang van 19 maart 2018 op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd bij Idols Rijswijk Besloten Vennootschap (hierna: Idols) in dienst getreden als kok, tegen een salaris van € 1.556,23 bruto per maand exclusief vakantietoeslag en overige emolumenten. Op 16 februari 2020 is werknemer op staande voet ontslagen. Werknemer stelt zich op het standpunt dat het ontslag ten onrechte is gegeven en vordert onder meer een billijke vergoeding van acht maandsalarissen. Werkgever heeft geen verweer gevoerd.
Oordeel
Als niet weersproken staat vast dat Idols geen goede reden had voor het ontslag. Werknemer heeft dan de keuze: of vernietiging van het ontslag of een billijke vergoeding. Werknemer heeft gekozen voor een billijke vergoeding. De verzochte billijke vergoeding komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor, zodat deze wordt toegewezen. Werknemer heeft daarnaast geen belang bij de verzochte verklaring voor recht, zodat deze wordt afgewezen. Werknemer verzoekt ten aanzien van de billijke vergoeding een bedrag ter hoogte van acht maanden salaris, zodat een bedrag van (8 x € 1.556,23 = ) € 12.449,84 zal worden toegewezen. De wettelijke rente over de billijke vergoeding zal eveneens als op de wet gegrond worden toegewezen, zij het dat de wettelijke rente ingaat op na te melden datum, omdat Idols niet eerder met de betaling daarvan in verzuim is.