Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Arnhem), 21 juli 2020
ECLI:NL:GHARL:2020:5775
Feiten
Werknemer is van 1 april 1996 tot 1 augustus 2010 voor 20 uur per week in dienst geweest bij Stichting Pharos Expertisecentrum Gezondheidsverschillen (hierna: Pharos) als administratief en technisch huishoudelijk medewerker. Op 8 september 2009 is een werkplekonderzoek verricht wegens klachten aan het bewegingsapparaat bij werknemer. Op dinsdag 1 december 2009 heeft werknemer in opdracht van zijn leidinggevende, samen met zijn collega in het pand van Pharos een vergadertafel van de ene naar de andere ruimte versjouwd. Op 27 januari 2010 is werknemer bij zijn huisarts geweest en heeft hij gemeld dat hij in november 2009 zich aan een veel te zware vergadertafel had vertild, waarna hij een ‘knapje’ had gevoeld in zijn schouder, waarna de klachten aanhielden. Op 17 maart 2010 heeft werknemer zich ziek gemeld vanwege schouderklachten. Bij beschikking van de kantonrechter van 29 juni 2010 heeft de kantonrechter de arbeidsovereenkomst tussen partijen ontbonden met ingang van 1 augustus 2010. Werknemer ontvangt sinds 1 augustus 2010 een WIA-uitkering. Op 7 maart 2011 heeft werknemer Pharos aansprakelijk gesteld voor het als gevolg van zware tilwerkzaamheden opgelopen schouderletsel. Ingevolge de beschikking van 20 maart 2013 van de rechtbank Midden-Nederland waarin het verzoek van werknemer tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor is toegewezen, zijn op 27 juni 2013 en 9 januari 2014 getuigen gehoord. Partijen twisten over de vraag of werkgever aansprakelijk is voor de schade die werknemer in de uitoefening van de werkzaamheden zou hebben opgelopen.
Oordeel
De verrichte werkzaamheden
Vaststaat dat werknemer en/of collega het frame met tafelblad hebben losgeschroefd van de poten. Uitgaande van de gegevens van Ahrend van 14 januari 2016, betekent dat dat het totaalgewicht met circa 16 kilo werd verminderd en dat werknemer en collega samen zo’n 114 kilo hebben gedragen. Er kan ook niet van worden uitgegaan dat werknemer slechts de helft van dat gewicht heeft gedragen omdat hij het tafelblad samen met collega tilde. Wanneer een bepaald gewicht door meer personen wordt getild, is het immers van een groot aantal omstandigheden afhankelijk welk gewicht door iedere persoon wordt getild.
Zorgplicht
Naar het oordeel van het hof heeft Pharos niet aan die op haar rustende zorgplicht voldaan. Weliswaar behoorden interne verhuizingen tot de werkzaamheden van werknemer maar daarmee kan niet worden gezegd dat het tillen van een dergelijke zware last tot de normale werkzaamheden van werknemer behoorden. Van Pharos had mogen worden verlangd dat zij mechanische hulpmiddelen ter beschikking had gesteld of andere maatregelen had getroffen opdat werknemer niet een dergelijke zware last hoefde te tillen, een last die, op grond van het gewicht dat het hof hiervoor heeft vastgesteld, ook ver uitstijgt boven de (arbo)tilnorm van 23 kilo waar beide partijen van uitgaan. Dat geldt in dit geval nog eens in het bijzonder nu uit het werkplekonderzoek van een paar maanden eerder volgt dat frequent tillen met zwaar materiaal belastend is voor werknemer en dat een bronoplossing is te zorgen dat werknemer niet veel hoeft te tillen. Juist tegen deze achtergrond had Pharos mechanische hulpmiddelen ter beschikking moeten stellen en zo die er niet waren, de keuze moeten maken de verhuizing niet door werknemer te laten uitvoeren en die desnoods uit te besteden.
Schade
Het hof oordeelt dat voldoende aanknopingspunten bestaan voor het oordeel dat werknemer bij het tillen van de tafel op 1 december 2009 letsel aan zijn schouder heeft opgelopen. Nu vaststaat dat Pharos schade heeft geleden in de uitoefening van zijn werkzaamheden en Pharos niet aan de op haar rustende zorgplicht heeft voldaan, zijn de vorderingen van werknemer toewijsbaar. De vraag of alle huidige klachten van werknemer zijn terug te voeren op de werkzaamheden van 1 december 2009 behoeft in dit stadium van de procedure geen beantwoording, omdat dit in de schadestaatprocedure aan de orde kan komen. Het vonnis van 18 oktober 2017 wordt vernietigd en de vordering van werknemer om voor recht te verklaren dat Pharos aansprakelijk is voor de door werknemer geleden en te lijden schade als gevolg het tillen van de vergadertafel op 1 december 2009, met veroordeling van Pharos tot vergoeding van die schade, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet, wordt toegewezen.