Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgever
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 17 augustus 2020
ECLI:NL:RBROT:2020:7417
Werkgever dient werknemer, wiens arbeidsovereenkomst reeds is geƫindigd, een aanzegvergoeding, de transitievergoeding en (boven)wettelijke vakantie-uren en vakantiegeld uit te betalen.

Feiten

Werknemer is op 26 september 2019 in dienst getreden van werkgever voor de duur van zes maanden. In de arbeidsovereenkomst is opgenomen dat werknemer in de functie van bediening in dienst is getreden, maar feitelijk was hij werkzaam als kok. De arbeidsovereenkomst is door werkgever niet verlengd. Werknemer verzoekt een vergoeding voor het niet nakomen van de aanzegverplichting, de wettelijke transitievergoeding en uitbetaling van (boven)wettelijke vakantie-uren en vakantiegeld.

Oordeel

Uurloon

Werknemer gaat in zijn verzoeken voor de berekening van de vergoedingen uit van een uurloon van € 11,44, gebaseerd op schaal K.4.1. van de cao Horeca, behorend bij de functie kok. Werkgever heeft tijdens de mondelinge behandeling erkend dat werknemer werkzaam was als kok. Werkgever heeft verder de stelling van werknemer dat hij op basis van de cao recht heeft op een uurloon van € 11,44 niet weersproken, zodat het uurloon van € 11,44 hierna als uitgangspunt geldt.

Aanzegvergoeding

Vast staat dat werkgever eerst op 2 april 2020 het einde van de arbeidsovereenkomst heeft aangezegd, terwijl de laatste werkdag op 25 maart 2020 was. Werkgever is dan ook een vergoeding verschuldigd gelijk aan het bedrag van het loon voor één maand. De verzochte aanzegvergoeding van € 1.342,94 wordt toegewezen.

Transitievergoeding

Van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van werknemer is niet gebleken, zodat werknemer terecht aanspraak maakt op de transitievergoeding. De verzochte transitievergoeding van € 241,82 wordt dan ook toegewezen.

Vakantie-uren/-geld

Werkgever heeft de opbouw en de verschuldigdheid van dit deel van het verzoek niet weersproken, zodat de bedragen zoals verzocht (€ 774,64 bruto aan vakantiedagen en € 644,61 bruto aan vakantiegeld) worden toegewezen.