Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgeefster
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 18 maart 2022
ECLI:NL:RBROT:2022:3381
Rijschool heeft de op voorschot betaalde opleidingskosten voor vrachtwagenchauffeur onterecht verrekend met loon van werknemer na beƫindiging van de arbeidsovereenkomst. Onvoldoende specificatie van de opleidingskosten.

Feiten 

Persoon A heeft op 3 december 2019 een opleidingsovereenkomst met Rijschool B gesloten. In de opleidingsovereenkomst is opgenomen dat Rijschool B de kosten van de opleiding heeft betaald op voorschotbasis en dat persoon A is gehouden de opleidingskosten terug te betalen na het behalen van de opleiding. Op 10 februari 2020 is persoon A op basis van een arbeidsovereenkomst bij rijschool B in dienst getreden in de functie van vrachtwagenchauffeur voor 24 uur per week tegen een uurloon van € 11,86 bruto. Bij e-mail van 19 januari 2021 heeft persoon A de arbeidsovereenkomst opgezegd. Bij brief van 8 februari 2021 heeft rijschool B aan persoon A bevestigd dat de arbeidsovereenkomst eindigt op 1 maart 2021 en dat de vordering van rijschool B wordt omgezet in een lening. De lening van € 7.323,55 wordt maandelijks afgelost door middel van verrekening met het salaris van persoon A over januari en februari 2021. Nu het volledige bedrag niet met het loon kan worden verrekend, dient persoon A het restant op 1 maart 2021 te voldoen. Persoon A vordert onder meer uitbetaling van het verschuldigde salaris over de maanden januari en februari 2021. Volgens persoon A is in de arbeidsovereenkomst geen studiekostenbeding opgenomen. De opleidingsovereenkomst is nietig, omdat geen enkel bedrag en geen glijdende schaal is opgenomen. Onduidelijk is welke kosten onder opleidingskosten vallen. Wegens het niet afdragen van loon vordert persoon A tevens een schadevergoeding. Volgens rijschool B heeft de verrekening met de opleidingskosten terecht plaatsgevonden en is er geen enkele reden om aan te nemen dat de opleidingsovereenkomst nietig is. Persoon A heeft er zelf voor gekozen om uit dienst te gaan. 

Oordeel

Volgens de kantonrechter was het rijschool B niet toegestaan de opleidingskosten met het aan persoon A uit te betalen loon te verrekenen. Verrekening is slechts mogelijk in situaties die uitputtend zijn genoemd in artikel 7:632 lid 1 BW en opleidingskosten vallen niet onder dit artikel. Bovendien heeft rijschool B onvoldoende gespecificeerd waar de door haar bij persoon A in rekening gebrachte opleidingskosten uit bestaan. Rijschool B mocht dus niet de eventuele opleidingskosten verrekenen met het aan persoon A uit te betalen loon. Rijschool B dient het loon over de maanden januari en februari 2021 van € 2.459,29 alsnog aan persoon A te betalen en € 5.150 netto wegens onterecht ingehouden opleidingskosten. Rijschool B dient eveneens de loonstroken over januari en februari 2021 te verstrekken en een eindafrekening, onder last van een dwangsom. De vordering tot betaling van een schadevergoeding van € 3.564,09 vanwege het niet afdragen van loon wordt toegewezen. Rijschool B dient ook de pensioenpremie van persoon A te betalen.