Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgevers
Rechtbank Den Haag (Locatie Den Haag), 13 april 2022
ECLI:NL:RBDHA:2022:5464
Uitzendkracht raakt onder werktijd verwond aan linker elleboog. Gebrek aan zorg leidt tot een ontsteking. Uitzendbureau is aansprakelijk wegens het niet afsluiten van een zorgverzekering. Zorgplichtschending door materieel werkgever heeft niet tot schade geleid.

Feiten

Werknemer is als uitzendkracht in dienst getreden bij Timing Flexgroep B.V. (hierna: Timing). Op 14 maart 2017 heeft werknemer, tijdens de uitvoering van zijn werkzaamheden in de vestiging van Kuehne + Nagel Logistics B.V. (hierna: Kuehne) in Delfgauw op de afdeling “reststoffen”, zijn linker elleboog verwond. In geding is de vraag of Timing (als formele werkgever) dan wel Kuehne (als feitelijke werkgever) aansprakelijk is voor de door werknemer gestelde schade.

Oordeel

De kantonrechter overweegt ten aanzien van de vraag of Timing Flexgroep B.V. en Kuehne + Nagel Logistics B.V. (hierna: werkgevers) voldaan hebben aan de op hen rustende zorgplicht, dat vaststaat dat Kuehne werknemers veiligheidsschoenen met een antislipzool verschaft, dat ze de werknemers een instructietraining laat volgen en dat op de werkplek voortdurend supervisors lopen. Hiermee heeft Kuehne jegens werknemer echter onvoldoende voldaan in haar zorgverplichting om te voorkomen dat werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt. De instructietraining werd gegeven in Nederlands en Engels, terwijl werknemer Pools spreekt. Hierbij is niet vast komen te staan dat de instructie om de werkplek schoon te houden in de praktijk strikt werd nageleefd. Dat had, gelet op het feit dat werknemer risicovolle (uitvoerende) werkzaamheden verrichtte en de kans op arbeidsgevallen groot was, wel van Kuehne verwacht mogen worden. Werkgevers hebben in dit verband weliswaar gesteld dat op de werkplek voortdurend supervisors rondlopen die werknemers wijzen op de verplichting om de werkplek schoon te houden, maar uit de verklaringen van de getuigen volgt dat alleen op het einde van de dag werd schoongemaakt en dat er constant afval op de grond lag. Deze verklaringen worden bovendien ondersteund door de foto’s die werknemer heeft overgelegd. Dit samengenomen zijn geen opstandigheden die ertoe leiden dat Kuehne voldoende heeft gedaan in haar zorgverplichting om (als feitelijk werkgever) te voorkomen dat werknemer schade lijdt. Daarom is Kuehne jegens werknemer op grond van artikel 7:658 lid 4 BW in beginsel aansprakelijk voor de schade die werknemer heeft geleden als gevolg van het arbeidsongeval. De schade die werknemer heeft geleden is volgens werknemer veroorzaakt door het ontstoken raken van de op de werkplek opgelopen wonden aan zijn elleboog die hij, naar eigen zeggen, door toedoen van werkgevers te laat medisch kon laten behandelen. De gestelde schade is aldus niet zozeer het directe gevolg van het arbeidsongeval, maar te wijten aan de omstandigheid dat werknemer lang is doorgelopen met zijn verwondingen. Uit de stukken blijkt dat werknemer drieënhalve week nadat het ongeval heeft plaatsgevonden naar een arts is gegaan. In de tussentijd is een abces aan zijn linker elleboog ontstaan. Tussen partijen is niet in geschil dat werknemer ten tijde van het ongeval geen ziektekostenverzekering had. Op grond van artikel 2 van de Zorgverzekeringswet was werknemer daartoe wel verplicht. Timing was als uitzendonderneming op grond van de ABU-cao verplicht een aanbod te doen tot het afsluiten van een basiszorgverzekering. Het is niet gebleken dat Timing een dergelijk aanbod heeft gedaan. Daarom is zij tekortgeschoten in de nakoming van een uit de arbeidsovereenkomst voortvloeiende verplichting. Dat werknemer kort na het plaatsvinden van het arbeidsongeval geen arts heeft geraadpleegd en is doorgelopen met zijn verwonding, kunnen werkgevers daarom niet met vrucht tegenwerpen. Werknemer ging er immers – overigens niet geheel ten onrechte – van uit dat hij een zorgverzekering nodig had alvorens hij een arts kon raadplegen. Ook schrijft de ABU-cao voor dat Timing adequate voorlichting had moeten geven over nut en noodzaak van het afsluiten van de verzekering. Ook hierin is Timing tekortgeschoten. Nu vaststaat dat werkgevers niet hebben voldaan aan de op de hen rustende zorgverplichting en de schade van werknemer het gevolg is van de omstandigheid dat werknemer te lang is doorgelopen met zijn verwonding, hetgeen te wijten is aan het feit dat werknemer geen zorgverzekering, hetgeen toerekenbaar is aan Timing, is Timing aansprakelijk voor de door werknemer gestelde schade. Dat is anders ten aanzien van Kuehne. Het kan Kuehne niet worden tegengeworpen dat Kuehne geen zorgverzekering voor werknemer heeft afgesloten.