Rechtspraak
Rechtbank Den Haag (Locatie Den Haag), 25 april 2023
ECLI:NL:RBDHA:2023:14435
Feiten
Werknemer is op 1 augustus 2022 in dienst getreden bij Maandag Interim Professionals B.V. (hierna: Maandag) voor een bepaalde tijd. Hij vervulde de functie van docent Economie. Werknemer heeft aangegeven dat hij zijn eerstegraads bevoegdheid als docent economie heeft op basis van zijn afstuderen aan de Rijksuniversiteit Groningen. Maandag heeft aan werknemer gevraagd om van beide opleidingen aan de Rijksuniversiteit Groningen die vermeld staan op zijn curriculum vitae het diploma aan te leveren. Werknemer heeft vervolgens screenshots gemaild waarop de behaalde studieresultaten en het aantal ECTS-credits te zien zijn. Hieruit blijkt volgens Maandag echter niet dat werknemer daadwerkelijk de volledige opleiding heeft afgerond. Wegens het verstrekken van onjuiste informatie op het curriculum vitae heeft Maandag werknemer per direct op staande voet ontslagen. Werknemer vordert onder meer een verklaring voor recht dat geen sprake is van een dringende reden.
Oordeel
Uit de ontslagbrief volgt dat aan het ontslag op staande voet ten grondslag is gelegd dat werknemer “onjuiste informatie op zijn curriculum vitae heeft verstrekt”. De stelplicht en bewijslast van de dringende reden rust op de werkgever. Maandag heeft werknemer acht keer in de gelegenheid gesteld een bewijs van afstuderen over te leggen. Werknemer heeft dat niet gedaan, zelfs niet in het kader van deze procedure, terwijl als niet, althans onvoldoende, weersproken vaststaat dat de Rijksuniversiteit Groningen desgewenst vervangende stukken voor in het ongerede geraakte diploma’s verstrekt. Daarmee heeft Maandag naar het oordeel van de kantonrechter voldoende aannemelijk gemaakt dat werknemer niet is afgestudeerd. Hij heeft op dat punt zijn werkgever dus bewust onjuist geïnformeerd. Dat levert een dringende reden op. Dat het Maandag niet zozeer ging om “diploma’s”, maar om enig bewijsstuk waaruit de universitaire graad kan blijken, had werknemer uit de gevoerde correspondentie over dit punt duidelijk moeten zijn.