Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/De Staat der Nederlanden
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Haarlem), 20 oktober 2023
ECLI:NL:RBNHO:2023:10835
Rechtsgeldig ontslag op staande voet na valselijk opmaken echtscheidingsbeschikking door medewerker rechtbank.

Feiten

Werkneemster is sinds 1 mei 2022 in dienst bij de rechtbank als juridisch-administratief medewerker. Op werkneemster zijn de Gedragscode Integriteit Rijk 2020 en de Gedragscode van de Rechtspraak van toepassing, waarin onder meer is opgenomen dat een medewerker zich niet mag laten leiden door eigenbelang. Werkneemster was verantwoordelijk voor de uitvoering van de uit de zaken voortvloeiende correspondentie met justitiabelen; zij verwerkte de zaakgegevens in een registratiesysteem en stelde conceptuitspraken en -beschikkingen op. Op 6 maart 2023 heeft werkneemster laten weten dat zij vanuit huis werkte omdat zij zich niet fit voelde. Op 20 en 22 maart 2023 heeft werkneemster contact met haar leidinggevende gehad over rechtbankdossiers die zij thuis had, die ze vervolgens op verzoek van de rechtbank naar de rechtbank heeft gebracht. Op 23 maart 2023 heeft de rechtbank een gesprek met werkneemster gevoerd, nadat was geconstateerd dat zij de (spoed)dossiers die zij thuis had liggen niet volledig had verwerkt en dat een aantal dossiers zoek was. Op 27 maart 2023 heeft de rechtbank in het kader van haar zoektocht naar ontbrekende dossiers, de persoonlijke locker van werkneemster geopend. In de locker is een dichte rechtbankenvelop aangetroffen, geadresseerd aan een rechter van een ander afdeling met daarin onder meer een beschikking gedateerd op 22 september 2021 inzake de echtscheiding van werkneemster en haar echtgenoot, opgesteld vanuit de rechtbank Amsterdam en gegeven, uitgesproken en ondertekend door een fictieve rechter en griffier. Na onderzoek door een interne onderzoekscommissie en schorsing van werkneemster, is zij op 26 april 2023 op staande voet ontslagen wegens – onder meer – het opmaken van een valse beschikking en het waarmerken daarvan als afschrift (voorzien van officiële rechtbankstempels) waarmee de indruk wordt gewekt dat deze beschikking afkomstig is van de rechtbank Amsterdam. Werkneemster berust in het ontslag op staande voet en verzoekt om toekenning van de billijke vergoeding en transitievergoeding.

Oordeel

De kantonrechter is van oordeel dat het ontslag op staande voet onverwijld is gegeven. De rechtbank heeft meteen na ontdekking van de documenten in de locker van werkneemster een feitenonderzoek gelast. De rechtbank was, gelet op de aard en de ernst van de vermoedens, op grond van het protocol gehouden dit onderzoek in te stellen en het onderzoek was ook in belang van de waarheidsvinding gerechtvaardigd. Uit het onderzoeksrapport volgt dat de commissie zorgvuldig onderzoek heeft verricht, waarbij voldoende voortvarend te werk is gegaan. Bovendien is werkneemster steeds tijdig en transparant geïnformeerd over de gevolgde procedure door de rechtbank. Na afronding van het onderzoek is werkneemster diezelfde dag geïnformeerd over het voornemen tot ontslag en direct nadat werkneemster haar zienswijze had gegeven, is tot ontslag op staande voet overgegaan. De kantonrechter is ook van oordeel dat de gedragingen van werkneemster als een dringende reden kwalificeren. Van belang in dat verband is dat aan werkneemster, als ambtenaar bij de rechtbank, hoge integriteitseisen (mogen) worden gesteld. Het opmaken van een valse beschikking met officiële stempels van de rechtbank, het opmaken en met officiële rechtbankstempels waarmerken van een bijlage bij de beschikking en het in strijd met de interne instructies opvragen van GBA-gegevens voor niet-functionele doeleinden zijn gedragingen die niet met deze eisen zijn te verenigen en kwalificeren, behalve als dringende reden, mogelijk zelfs als een (ambts)misdrijf. Hoewel sprake is van schrijnende privéomstandigheden, rechtvaardigt dit niet de conclusie dat van een dringende reden geen sprake is. Het ontslag op staande voet is rechtsgeldig.