Rechtspraak
Feiten
Werknemer is op 1 september 2019 in dienst getreden van Mondi in de functie van monteur TD voor 36 uur per week. Op 1 september 2022 heeft werknemer zich ziek gemeld bij Mondi. De bedrijfsarts heeft op 7 oktober 2022 geconcludeerd dat sprake is van een algemene beperking voor de mentale en energetische belastbaarheid en dat werknemer op dat moment nog geen arbeidsmogelijkheden heeft. Daarnaast heeft de bedrijfsarts geconcludeerd dat werknemer vanaf 17 oktober 2022 weer geleidelijk kan hervatten. Het advies om per 17 oktober (geleidelijk) te hervatten heeft de bedrijfsarts daarna ingetrokken. Uiteindelijk heeft werknemer zijn werkzaamheden pas vanaf april 2023 op basis van een opbouwschema hervat. Omdat Mondi het vermoeden kreeg dat werknemer zijn re-integratie tegenwerkte en elders werkzaam was, heeft zij aan recherchebureau Corvus opdracht gegeven hiernaar onderzoek te verrichten. Op 11 mei 2023 heeft werknemer zich wegens toegenomen klachten ziek gemeld omdat hij zich niet in staat achtte de (aangepaste) werkzaamheden te verrichten. Corvus is haar onderzoek gestart op 5 mei 2023. Zij heeft haar bevindingen vastgelegd in een op 26 mei 2023 opgemaakt rapport. Tijdens een telefoongesprek op 17 mei 2023 heeft Mondi werknemer op staande voet ontslagen. Dit ontslag is schriftelijk bevestigd in een brief van dezelfde datum. Mondi vordert de onderzoekskosten. Werknemer vordert achterstallig loon.
Oordeel
Mondi heeft het achterstallige loon ten bedrage van € 7.556,80 niet aan werknemer betaald. Zij beroept zich daarbij op verrekening met de door haar gemaakte kosten in verband met het inschakelen van het recherchebureau. Hieruit volgt dat Mondi, doordat zij met succes een beroep doet op verrekening, op 17 mei 2023 niets meer aan werknemer verschuldigd was. Zij is dus voor wat betreft de betaling van de eindafrekening ten bedrage van € 7.556,80 niet in verzuim geraakt. Uit het onderzoek van Corvus blijkt dat werknemer in de periode dat hij naar eigen zeggen arbeidsongeschikt was, werkzaamheden verricht heeft voor een onderneming genaamd Green Future en/of (indirect) voor een onderneming genaamd Volta Solar. De kantonrechter is van oordeel dat op grond van de door de onderzoekers gerapporteerde feiten wel is komen vast te staan dat werknemer werkzaamheden heeft verricht voor Green Future (althans Volta Solar) in een periode waarin hij naar eigen zeggen arbeidsongeschikt was. Werknemer heeft uitvoerig betoogd dat de kosten die Corvus aan Mondi in rekening heeft gebracht en die Mondi op haar beurt op werknemer wenst te verhalen, veel te hoog zijn. Dat betoog slaagt. Mondi heeft niet uit kunnen leggen waarom zij ervoor gekozen heeft Corvus, dat in Nieuwegein is gevestigd, het onderzoek te laten verrichten. Doordat Corvus in Nieuwegein is gevestigd, hebben de rapporteurs een zeer hoog aantal reisuren en gereisde kilometers gedeclareerd. Werknemer wijst er verder terecht op dat de observaties zijn gedaan door twee en soms door drie personen. De kantonrechter is van oordeel dat de daarmee gepaard gaande kosten hoger zijn dan wat redelijk geacht kan worden. De observaties hadden ook door één/twee personen gedaan kunnen worden.