Naar boven ↑

Rechtspraak

ontslag betrokkene
Hoge Raad, 13 september 2024
ECLI:NL:HR:2024:1158
Ontslag rechterlijk ambtenaar vanwege arbeidsongeschiktheid (artikel 46i lid 1 Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren).

Feiten

De betrokkene is senior raadsheer in het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en derhalve een voor het leven benoemd rechterlijk ambtenaar als bedoeld in artikel 46b Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren (hierna: Wrra). De procureur-generaal heeft op 4 juli 2024 schriftelijk gevorderd dat de Hoge Raad de betrokkene op de voet van artikel 46i lid 1 Wrra zal ontslaan met ingang van 1 oktober 2024.

Oordeel

De Hoge Raad oordeelt als volgt. Artikel 46i lid 1 Wrra bepaalt dat de rechterlijk ambtenaar, wanneer hij wegens ziekte ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbeid, door de Hoge Raad kan worden ontslagen, indien:
a. de ongeschiktheid twee jaar onafgebroken heeft geduurd;
b. herstel van zijn ziekte binnen een periode van zes maanden na de in onderdeel a genoemde termijn van twee jaar redelijkerwijs niet is te verwachten; en
c. naar het oordeel van de functionele autoriteit duurzame re-integratie in de eigen arbeid, in andere passende arbeid bij een gerecht of binnen het gezagsbereik van de Minister van Justitie en Veiligheid, of in passende arbeid buiten dat gezagsbereik, niet binnen een redelijke termijn is te verwachten.

Artikel 46j Wrra bepaalt voorts dat bij de beoordeling of sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 46i lid 1 Wrra de uitslag wordt betrokken van de beoordeling door het UWV.

Uit de door de procureur-generaal overgelegde stukken en het in raadkamer ingestelde onderzoek blijkt dat is voldaan aan de in artikel 46i lid 1 aanhef en onder a, b en c Wrra genoemde voorwaarden. De Hoge Raad is van oordeel dat voldoende gronden aanwezig zijn om de betrokkene op de voet van artikel 46i Wrra per 1 oktober 2024 als rechterlijk ambtenaar ontslag te verlenen.

De Hoge Raad ontslaat de betrokkene als rechterlijk ambtenaar per 1 oktober 2024.