Naar boven ↑

Rechtspraak

Kern

Werknemer geniet sinds pensioengerechtigde leeftijd AOV. Hij wist dat zijn arbeidzame leven eens zou eindigen en dat zijn arbeidsloon dan als inkomstenbron zou wegvallen. Indien hij niet door sparen of een verzekering af te sluiten of een andere voorziening te treffen, zou voorzien in extra inkomsten naast zijn AOV voor de periode na zijn arbeidzame leven komt dat, naar ook in Aruba geldende maatschappelijke opvattingen voor zijn eigen risico. Daarom is het gegeven ontslag niet kennelijk onredelijk op de enkele grond dat na het ontslag het arbeidsloon wegvalt en slechts de AOV als inkomstenbron overblijft. Het ontslag aan werknemer heeft een echter allesomvattende afvloeiingsregeling die beperkt geldig is en werkgever heeft zich de bevoegdheid voorbehouden het aanbod bij niet-aanvaarding in te trekken voordat onherroepelijk over de redelijkheid daarvan was beslist. Op die grond moet het ontslag als kennelijk onredelijk worden beschouwd. En krijgt werknemer een vergoeding die naar billijkheid wordt toegekend. Het Gemeenschappelijke Hof acht echter de omstandigheid dat werknemer de afvloeiingsregeling moest aanvaarden onder voorbehoud van redelijkheid van de vergoeding in strijd met Hoge Raad rechtspraak en derhalve kennelijk onredelijk.