Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Stichting Markland College
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 31 oktober 2011
ECLI:NL:RBBRE:2011:BU2972

werknemer/Stichting Markland College

Schorsing docent lichamelijke opvoeding na klachten over gedrag. Veiligheidsgevoel leerlingen prevaleert boven belang docent om gedurende de opzegtermijn tot het werk te worden toegelaten

Werknemer (62 jaar) is werkzaam als docent lichamelijke opvoeding op het Markland College. Nadat leerlingen begin januari 2011 over werknemer geklaagd hebben, heeft hij in februari 2011 een schriftelijke waarschuwing gekregen voor 'seksueel getint gedrag, seksueel getinte opmerkingen en grof taalgebruik'. Nadat werknemer een nieuwe klas heeft toegewezen gekregen, is er in maart 2011 opnieuw over hem geklaagd. Volgens de waarneming van leerlingen zou hij tijdens de les een erectie hebben gehad. Markland College heeft een onderzoeksbureau ingeschakeld om de voorvallen te onderzoeken. Bij ontslagbesluit van 26 september 2011, tevens houdende een schorsing, is het dienstverband opgezegd tegen 1 januari 2012. Thans vordert werknemer wedertewerkstelling.

De kantonrechter oordeelt als volgt. De schorsing is verleend overeenkomstig de cao-voorschriften en is procedureel correct verlopen. Ten aanzien van de voorvallen begin januari 2011 staan partijen lijnrecht tegenover elkaar. Het onderzoeksbureau heeft onder meer geconcludeerd dat aannemelijk is dat de gebeurtenissen tot een aantasting van (het gevoel van) veiligheid van de leerlingen hebben geleid. Echter niet kan aan het woordgebruik en het handelen van werknemer naar het oordeel van de commissie die intentie worden toegeschreven. Gegeven deze conclusie van de onderzoekscommissie kan Markland College niet in redelijkheid worden verweten dat zij haar belang bij het bieden van een veilige schoolomgeving aan haar minderjarige leerlingen heeft laten prevaleren boven het belang van werknemer om – gedurende de opzegtermijn – weer te worden toegelaten tot de werkplek. Van belang is dat Markland College bij haar besluitvorming voldoende zorgvuldig te werk is gegaan. Of de gedragingen die werknemer verweten worden een ontslag rechtvaardigen, zal door de Commissie van Beroep worden beantwoord. Tot slot wordt overwogen dat ook het belang van werknemer niet gediend lijkt bij een terugkeer op de werkplek gedurende de opzegtermijn, nu zijn kwetsbare positie als docent is verzwakt. Volgt afwijzing van de vordering.