Naar boven ↑

Rechtspraak

FNV c.s./Telegraaf Media Groep NV c.s.
Rechtbank Amsterdam, 14 november 2011
ECLI:NL:RBAMS:2011:BU4307

FNV c.s./Telegraaf Media Groep NV c.s.

Decentrale afspraken in akkoord met COR over bovenmatige beloning op grond van Grafimedia-cao rechtsgeldig

Binnen de Telegraaf Media Groep (hierna: TMG) zijn verschillende ondernemingsraden ingesteld. Voor het TMG is een COR ingesteld en voor RDV en BV Drukkerij Noord Holland is een GOR ingesteld. Op de werknemers van TMG is onder meer de Grafimedia-cao van toepassing. Deze cao kent een gelaagde structuur van arbeidsvoorwaardenvorming. In 1997 is in de cao een nieuwe belonings- en toeslagensystematiek (BETSY) ingevoerd, waarover decentraal invoeringsafspraken konden worden gemaakt. TMG heeft dit toen niet gedaan. Nadat de Commissie Interpretatie Dispensatie (CID) in 2009 algemene dispensatie heeft verleend, konden alsnog invoeringsafspraken over BETSY worden gemaakt. TMG heeft een voorstel naar de COR gestuurd om de bovenmatige salarissen aan te pakken, waarover op 15 december 2009 een akkoord is bereikt. De vakbonden en OR hebben laten weten zich niet in het akkoord te kunnen vinden. FNV c.s. vorderen thans voor recht te verklaren dat het akkoord niet op de in de Grafimedia-cao voorgeschreven wijze tot stand is gekomen en dat het akkoord daarom nietig is.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Op zichzelf is juist dat het primaat met betrekking tot het maken van afspraken ten aanzien van collectieve arbeidsvoorwaarden aan werknemerszijde bij de vakverenigingen ligt. De (centrale) ondernemingsraad is niet bevoegd tot het aangaan van cao’s en afspraken tussen de (centrale) ondernemingsraad en de ondernemer zijn dan ook in beginsel niet (rechtstreeks) bindend voor de werknemers. Dit kan echter anders zijn wanneer vakverenigingen in die zin van hun bevoegdheid gebruik maken, dat zij bij het sluiten van een cao de afspraak maken dat decentraal, in een akkoord tussen de ondernemer en de (centrale) ondernemingsraad, nadere invulling zal worden gegeven aan bepalingen in die cao. Dit geldt met name ook wanneer zij daarenboven afspreken dat deze decentrale afspraken bindend zullen zijn voor de werkgever en de werknemers. De verbindendheid van deze decentrale afspraken vloeit dan immers voort uit de cao. In artikel 1.4 van de Grafimedia-cao is een dergelijke regeling opgenomen. Dat deze regeling ook ziet op decentrale afspraken als de onderhavige met betrekking tot de invoering van BETSY is tussen partijen niet in geschil. Dat het akkoord – indien dit op voorgeschreven wijze en met inachtneming van de geldende randvoorwaarden tot stand is gekomen – de werkgever en werknemers toch niet zou kunnen binden, kan dan ook niet als juist worden aanvaard, temeer nu FNV c.s. zijn uitgenodigd tot overleg, maar zij desgevraagd naar de COR hebben verwezen. De procedurevoorschriften waaraan de COR en TMG bij het sluiten van het akkoord gebonden waren, zijn op de juiste wijze nageleefd. Anders dan FNV c.s. stellen, is het primair aan de COR om te bepalen op welke wijze hij zijn achterban wenst te raadplegen. Gebleken is dat de COR zich op verschillende manieren tot zijn achterban heeft gewend en derhalve voldoende aan de procedurevoorschriften heeft voldaan.

Het betoog dat onverkorte toepassing van het akkoord in strijd zou zijn met de redelijkheid en billijkheid of het goed werkgeverschap, faalt. In de Grafimedia-cao is uitdrukkelijk voorzien in de mogelijkheid van het maken van decentrale afspraken. De COR heeft zich daarbij terecht op het standpunt gesteld dat hij niet louter de belangen van de direct door het akkoord getroffen medewerkers van TMG, maar ook de belangen van de overige werknemers van TMG en van TMG als onderneming in ogenschouw diende te nemen. FNV c.s. hebben daarbij ter zitting laten weten de noodzaak van het nemen van kostenbeperkende maatregelen met het oog op de financiële situatie op zichzelf niet te weerspreken. Verder heeft de COR in aanmerking genomen dat van de medewerkers die door het akkoord geraakt worden (circa 1700) een minderheid (486) daadwerkelijk bovenmatig wordt beloond. Volgt afwijzing van de vorderingen.