Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam, 1 maart 2012
ECLI:NL:RBDOR:2012:BV7937
werknemer/Leegwater Special Truck Personeel BV
Werknemer is in 2001 bij Leegwater in dienst getreden in de functie van chauffeur kraanwagen. In december 2008 is hij arbeidsongeschikt geraakt vanwege heupklachten. Op 10 december 2010 is werknemer weer aan het werk gegaan. De arbeidsdeskundige van UWV heeft werknemer in het kader van de WIA-aanvraag arbeidsgeschikt geacht. De WIA-aanvraag is op 4 januari 2011 afgewezen. Op 25 januari 2011 is werknemer opnieuw uitgevallen, dit keer vanwege rugklachten. Na verkregen toestemming heeft Leegwater de arbeidsovereenkomst opgezegd tegen 1 november 2011. Werknemer stelt dat een opzegverbod van toepassing is en vordert loon. Per 25 januari 2011 is volgens hem sprake van een nieuw ziektegeval waardoor er een nieuwe periode van re-integratieplicht van twee jaar en een loonbetaling van diezelfde termijn is ontstaan.
Op grond van het oordeel van de arbeidsdeskundige van UWV is de kantonrechter van oordeel dat werknemer per 10 december 2010 arbeidsgeschikt is om zijn werkzaamheden te verrichten. De stelling van Leegwater dat werknemer voor 4 januari 2011 zijn werkzaamheden verrichtte op arbeidstherapeutische basis doet hier niets aan af. Per 25 januari 2011 is sprake is van een nieuw ziektegeval. Nu tussen 10 december 2010 en 25 januari 2011 meer dan vier weken zijn gelegen, ontstaat opnieuw een loondoorbetalingsplicht van 104 weken voor Leegwater. De arbeidsovereenkomst duurt derhalve ook na 1 november 2011 voort. Op grond van artikel 7:629 BW is Leegwater ook na deze datum nog verplicht tot loondoorbetaling. Volgt toewijzing van de vordering.