Naar boven ↑

Rechtspraak

Stichting Gehandicaptenzorg Limburg/werknemer
Rechtbank Limburg, 30 augustus 2012
ECLI:NL:RBMAA:2012:BX8773

Stichting Gehandicaptenzorg Limburg/werknemer

SGL is niet-ontvankelijk in ontbindingsverzoek. Overgang van onderneming. Irrelevant dat er een periode zit tussen de overgang en het volledig aantreden als bestuurder

Werknemer is sinds 1983 in dienst van Stichting Gehandicaptenzorg Limburg (SGL). Laatstelijk is hij werkzaam als directeur/bestuurder van het onderdeel SGL RAP (SGL revalidatieartsenpraktijk). Tot juli 2010 was hij voorzitter van de eenhoofdige Raad van Bestuur van SGL. In 2010 is besloten de structuur van SGL te wijzigen en op te splitsen in drie stichtingen: SGL Zorg, SGL RAP en SGL Diensten. Per 1 januari 2012 is werknemer bestuurder van RAP. Thans verzoekt SGL ontbinding.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Tussen partijen is allereerst in geschil of SGL aangemerkt moet worden als werkgever. Werknemer stelt dat sprake is van een overgang van onderneming en dat hij in dienst is van SGL RAP. Vaststaat dat een onderdeel van SGL is verzelfstandigd als SGL RAP. Werknemer is vervolgens als bestuurder van (onder meer) SGL RAP gaan functioneren en niet langer (mede) als bestuurder van SGL. In beginsel wordt daarmee voldaan aan de eisen van de overgang van de arbeidsovereenkomst van SGL op SGL RAP. In dit verband is irrelevant dat er een bepaalde periode zit tussen de overgang van de onderneming (begin 2010 stelt SGL) en (volledig) aantreden van werknemer als bestuurder van die stichting. Ook dat beoogd was in de nieuwe structuur SGL RAP niet het formeel werkgeverschap te laten dragen doet hieraan niet af. Het verweer van SGL dat de bedoeling van partijen uitdrukkelijk erin gelegen was dat werknemer in dienst zou blijven van SGL faalt. Een werknemer kan geen afstand doen van de bescherming die de wet hem toekent bij overgang van de onderneming. Wel is denkbaar dat een werkgever de mogelijkheid biedt om in dienst te blijven bij de vervreemder. De rechtspraak stelt daarbij aan de informatievoorziening door een werkgever hoge eisen terwijl daarnaast uitdrukkelijk afstand van een recht – op mee overgaan – gedaan zou moeten worden indien de werknemer inderdaad verblijft bij de oorspronkelijk werkgever. Niet gesteld of gebleken is dat aan deze zware eisen voldaan is. SGL wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek.