Rechtspraak
Gerechtshof Den Haag (Locatie 's-Gravenhage), 25 september 2012
ECLI:NL:GHSGR:2012:BY1537
Fijn-Las- en Montagebedrijf H. Ortgiess B.V. c.s./werknemer
Ortgiess exploiteert een bedrijf c.q. een groep van bedrijven dat/die zich (onder meer) bezig houdt/houden met het uitzenden en detacheren van kader- en technisch (offshore) personeel. Werknemer (37 jaar) is op 17 maart 2006 als sleutelaar-pijpfitter bij Ortgiess in dienst getreden. Op 21 april 2010 heeft een telefoongesprek tussen de boekhouder van Ortgiess en werknemer plaatsgevonden. Tijdens dit telefoongesprek liepen de gemoederen van werknemer dusdanig op, dat de boekhouder meermalen de verbinding heeft moeten verbreken. Daarna is werknemer naar Ortgiess gegaan en heeft hij – aldus Ortgiess – de boekhouder bedreigd. Aanleiding van het gespek was de financiele problemen waarin werknemer verkeerde. Er was loonbeslag onder de werkgever gelegd en werknemer wilde een voorschot op zijn loon. Ortgiess heeft werknemer op 22 april 2010 op staande voet ontslagen. De arbeidsovereenkomst is voorwaardelijk ontbonden per 1 september 2010 onder toekenning van een voorwaardelijke vergoeding aan werknemer. Werknemer heeft in eerste aanleg loon gevorderd tot 1 september 2010. De kantonrechter heeft deze vordering toegewezen.
Het hof oordeelt als volgt. Het is naar het het hof voorkomt volstrekt ontoelaatbaar om, wat daar ook de reden van zij, woedend het kantoor van de werkgever binnen te stormen en daar (al dan niet tegen een bepaald persoon) zoveel agressie ten toon te spreiden dat men zich daar bedreigd voelt en/of ingrijpt. In dezen speelt daarbij nog dat werknemer na het in een ruziënde sfeer plaatsgevonden hebbend telefoongesprek, bepaald de gelegenheid had om te kalmeren. Werknemer heeft zich echter zo laten gaan dat hij linea recta naar het kantoor van Ortgiess is gegaan en zich daar zodanig heeft opgewonden dat hij nauwelijks te kalmeren was. Een werkgever als Ortgiess hoeft, ook al zijn de mores binnen de offshore mogelijk wat minder gepolijst, een dergelijk gedrag niet te tolereren. Afgezet tegen vorenstaande leggen persoonlijke omstandigheden zoals leeftijd, lengte van het dienstverband, de financieel benarde positie waarin werknemer verkeerde en/of de negatieve inkomensgevolgen, onvoldoende tegenwicht op om anders te beslissen.