Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 13 februari 2013
ECLI:NL:RBNHO:2013:715
werkneemster/Europese School Bergen
Werkneemster is sinds 2001 in dienst van ESB, deels als secretaresse en deels als directiesecretaresse. In 2004 zijn voor het eerst twee schriftelijke arbeidscontracten tussen partijen opgesteld. In deze contracten staat vermeld dat werkneemster voor 26 uur per week (72,22%) voor ESB werkzaam zal zijn als secretaresse en voor 3,6 uur per week (10%) als directiesecretaresse. Thans vordert werkneemster betaling van achterstallig salaris vanaf 2007. Zij stelt dat zij vanaf 2004 per week 12 uur (32,22%) als secretaresse werkt en 19,5 uur (50%) als directiesecretaresse. Voor haar werk als directiesecretaresse heeft ze derhalve jarenlang te weinig salaris ontvangen.
De kantonrechter oordeelt als volgt: ESB heeft onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld om te kunnen concluderen dat werkneemster bij de totstandkoming van de arbeidsovereenkomst uitdrukkelijk heeft ingestemd met inschaling in de functie van secretaresse, terwijl zij het werk verrichtte van een directiesecretaresse. Dat werkneemster niet wordt betaald volgens de schaal van directiesecretaresse is in strijd met het goed werkgeverschap. In uitzonderingsgevallen kan afwijking van een salarisschaal geoorloofd zijn (bijvoorbeeld indien dit gebaseerd is op een cao-bepaling), maar daarvan is in dit geval geen sprake. ESB heeft aangevoerd, dat een hogere salariëring in strijd is met het organogram en het budget – dat op Europees directieniveau wordt bepaald - waarin slechts 1 fulltime equivalent beschikbaar is voor de functie van directiesecretaresse. Een organogram en daarop gebaseerd budget zijn echter niet vergelijkbaar met een cao. De loonvordering van werkneemster wordt toegewezen. Omdat werkneemster ESB pas in 2011 voor het eerst heeft aangemaand, wordt de wettelijke verhoging gematigd tot een bedrag van € 1.000 bruto.