Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 4 september 2013
ECLI:NL:RBROT:2013:7941
werkgeefster/werknemer
Werknemer is sinds 2003 in dienst van werkgeefster, laatstelijk in de functie van accountmanager voor de afdeling Scheepsagentuur. Gelet op haar slechte financiële situatie ziet werkgeefster zich genoodzaakt een reorganisatie door te voeren. Werkgeefster heeft besloten een drietal arbeidsplaatsen op de afdeling Scheepagentuur, waaronder die van werknemer, te laten vervallen. Hoewel X, eveneens accountmanager op de afdeling Scheepsagentuur, korter in dienst is dan werknemer en daardoor eerder voor ontslag in aanmerking zou komen, is eerstgenoemde volgens werkgeefster echter onmisbaar. Deze werknemer is namelijk nauw verbonden met de grootste klant van de scheepsagentuurafdeling. Hij heeft ruime ervaring en grote expertise op het gebied van chemicaliënparceltankers, welke expertise niet op korte termijn kan worden verkregen. X behandelt scheepsladingen die uit meerdere partijen bestaan en daardoor veel complexer zijn dan scheepsladingen die uit één enkele partij bestaan. Werknemer heeft geen ervaring met dergelijke complexere scheepsladingen. Werkgeefster verzoekt de arbeidsovereenkomst van werknemer zonder toekenning van een vergoeding te ontbinden.
De kantonrechter oordeelt als volgt. De bedrijfseconomische noodzaak tot reorganisatie is tussen partijen niet in geschil. De stelling dat de functies van X en werknemer niet uitwisselbaar zijn, is door werkgeefster pas voor het eerst tijdens de mondelinge behandeling aangevoerd en wordt niet gevolgd. Het beroep op het onmisbaarheidscriterium ten aanzien van X is door werkgeefster onvoldoende onderbouwd. Uit de enkele omstandigheid dat zij X, die voorheen bij die klant werkzaam was, speciaal heeft aangenomen om deze werkzaamheden ten behoeve van deze klant te verrichten, volgt niet zonder meer dat zij deze klant zal verliezen indien er thans een eind aan de arbeidsovereenkomst met X zou komen. Er kan thans niet van worden uitgegaan dat werkgeefster het afspiegelingsbeginsel juist heeft gehanteerd. Volgt afwijzing van het ontbindingsverzoek.