Naar boven ↑

Rechtspraak

Work in Progress B.V./werknemer
Rechtbank Amsterdam (Locatie Amsterdam), 31 januari 2014
ECLI:NL:RBAMS:2014:829

Work in Progress B.V./werknemer

Disfunctioneren Floor Manager in het geheel niet aannemelijk. Nu werkgever de arbeidsovereenkomst hoe dan ook wil beëindigen, wordt de arbeidsovereenkomst ontbonden. C=3.

Werknemer is bijna negen jaar in dienst van Work in Progress, een onderneming die zich voornamelijk richt op de verkoop van modeartikelen. Werknemer is als Floor Manager verantwoordelijk voor een vestiging. Op 30 september 2013 is werknemer aan het eind van de werkdag medegedeeld dat zijn arbeidsovereenkomst zal worden beëindigd. Werknemer diende zijn sleutels achter te laten en zijn spullen mee te nemen. Per e-mail is werknemer te kennen gegeven dat een nieuwe strategie zal worden doorgevoerd. Werknemer is in dat plaatje niet de juiste man op de juiste plaats. Work in Progress verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Daartoe wordt aangevoerd dat werknemer disfunctioneert.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Het gestelde disfunctioneren is niet aannemelijk gemaakt. Er zijn geen verslagen van functioneringsgesprekken. Ook is er geen schriftelijk functieprofiel. Voorts is werknemer niet aangesproken op zijn functioneren. De gemachtigde van Work in Progress heeft ter zitting verklaard dat een terugkeer van werknemer onmogelijk is, en dat Work in Progress de arbeidsovereenkomst ‘hoe dan ook wil beëindigen’. Gelet op deze opmerking, is een vruchtbare samenwerking tussen partijen niet meer reëel. De arbeidsovereenkomst zal daarom toch worden ontbonden. De reden voor de ontbinding is echter geheel aan Work in Progress te wijten. Aan werknemer wordt derhalve een vergoeding toegekend. Gelet op de omstandigheden van het geval, waaronder de omstandigheid dat Work in Progress zonder deugdelijke grond vasthoudt aan het vertrek van werknemer, en op de diffamerende wijze waarop werknemer plotsklaps de wacht is aangezegd, is de door werknemer verzochte vergoeding alleszins redelijk en passend. Rekening houdend met de fictieve opzegtermijn zal de arbeidsovereenkomst daarom worden ontbonden per 1 april 2014, onder toekenning van een vergoeding aan werknemer van € 36.564 (C=3).