Rechtspraak
X/Y c.s.
Werknemer is in dienst geweest van Niecom Installatie B.V. De aandelen van Niecom Holding B.V. (de houdstermaatschappij van onder andere Niecom Installatie) zijn op grond van een koopovereenkomst op 1 december 2010 door Y c.s. overgedragen aan X. Sinds 27 januari 2009 is werknemer arbeidsongeschikt. Op 22 juli 2011 heeft het UWV een loonsanctie opgelegd aan X, omdat onvoldoende re-integratie-inspanningen ten behoeve van werknemer zijn verricht. In de koopovereenkomst is bepaald dat indien de vennootschap alsnog wordt aangesproken voor verplichtingen die hun oorzaak vinden in de periode vóór de datum van overdracht van de aandelen, de koopprijs van de aandelen zal worden verhoogd of verlaagd waarbij de koopprijs niet verder zal worden aangepast dan met een maximaal bedrag van € 50.000. Aangezien X, althans Niecom Installatie, als gevolg van de loonsanctie van het UWV in totaal een bedrag van € 50.591,26 heeft moeten betalen, vordert X vermindering van de koopprijs met € 50.000.
De rechtbank oordeelt als volgt. De loonsanctie van het UWV is onlosmakelijk verbonden met de door het UWV vastgestelde situatie dat Niecom Installatie op 27 april 2010, derhalve voorafgaande aan de aandelenoverdracht, tekort was geschoten in haar verplichting om binnen vijftien maanden na de ziekmelding van werknemer het ‘tweede spoor’ op te starten. Dat werknemer gedurende enige tijd na de aandelenoverdracht weer (op therapeutische basis) aan de slag is gegaan bij Niecom Installatie is niet van belang, niet alleen omdat op dat moment deze termijn van vijftien maanden al was verstreken maar eigenlijk ook omdat deze ontijdige wedertewerkstelling van werknemer bij zijn eigen werkgever niet kan worden opgevat als (vervanging van) het opstarten van het ‘tweede spoor’. Y c.s. wordt veroordeeld tot betaling van € 50.000.