Rechtspraak
Rechtbank Limburg (Locatie Maastricht), 19 januari 2015
ECLI:NL:RBLIM:2015:334
werkgeefster/werknemer
Werknemer is sinds 24 februari 2003 bij werkgeefster in dienst in de functie van onderhouds- en servicemonteur. In de arbeidsovereenkomst zijn partijen overeengekomen dat werknemer nauwkeurig een kilometerverantwoording van de aan hem ter beschikking gestelde bedrijfsauto dient bij te houden en dat privégebruik van de bedrijfsauto niet is toegestaan. In februari 2014 heeft werkgeefster werknemer laten weten meermalen te hebben geconstateerd dat de bedrijfsauto privé is gebruikt. Aan werknemer is een boete opgelegd van € 300 en € 1 euro per verreden privékilometer. De gemachtigde van werknemer heeft hiertegen verweer gevoerd. Op 8 april 2014 heeft werknemer zich ziek gemeld. De bedrijfsarts heeft vastgesteld dat sprake is van arbeidsongeschiktheid en dat het geschil met werkgeefster over de bedrijfsauto hieraan bijdraagt. Werkgeefster verzoekt ontbinding vanwege, kort samengevat, het veronachtzamen van de verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst omtrent het privégebruik van de bedrijfsauto en een verstoorde arbeidsrelatie.
De kantonrechter is van oordeel dat gelet op hetgeen partijen over en weer hebben gesteld zonder nadere bewijslevering – waartoe deze procedure zich niet leent – niet met voldoende zekerheid is vast te stellen dat werknemer zodanig in strijd met de aanwijzingen van werkgeefster heeft gehandeld dat een ontbinding van de arbeidsovereenkomst tussen partijen hierdoor zou worden gerechtvaardigd. Zo heeft werknemer gesteld vanaf het begin van zijn indiensttreding de bedrijfsbus óók voor privéritten tijdens wachtdiensten te hebben gebruikt, waarop werkgeefster niet anders heeft gereageerd dan dat het volgens de arbeidsovereenkomst niet is toegestaan, hetgeen echter niets zegt over de praktijk, waarop werknemer zich beroept. In 2008 heeft werknemer een ‘notitie’ ondertekend met betrekking tot het bijhouden van kilometerlijsten, zonder dat is gebleken dat werkgeefster aan de in die verklaring opgenomen noodzaak om niet verantwoorde kilometers als privékilometers te zullen beschouwen en aan de loonadministrateur door te geven, consequent heeft opgevolgd. Eind 2012 heeft een gesprek plaatsgevonden waarbij onder meer is gesproken over privégebruik van de bedrijfsbus. Niet gesteld of gebleken is dat er toen consequenties zijn verbonden aan (beperkte) privékilometers met de bedrijfsbus. Daarbij komt dat zijdens werkgeefster ter zitting is erkend dat er vanaf medio 2012 geen kilometeradministratie meer hoefde te worden bijgehouden, zodat haar stelling dat werknemer trachtte privékilometers met de bus te verbergen door de kilometerregistratie opzettelijk onjuist en/of onvolledig in te vullen om die reden niet kan worden gevolgd, nog daargelaten dat gesteld noch gebleken is van enig ‘opzet’ daaromtrent. Volgt afwijzing van het ontbindingsverzoek.