Naar boven ↑

Rechtspraak

P.C. van der Horst B.V./werknemer
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 23 februari 2015
ECLI:NL:RBNHO:2015:1421

P.C. van der Horst B.V./werknemer

Afwijzing ontbindingsverzoek. Disfunctioneren bedrijfsleider is onvoldoende onderbouwd en werknemer is geen verbetertraject geboden.

Werknemer is sinds 1 juli 2013 voor onbepaalde tijd in dienst van Van der Horst in de functie van bedrijfsleider. Van der Horst verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens disfunctioneren. Van der Horst voert het volgende aan. De bedoeling was dat werknemer zou doorgroeien naar directieniveau, maar gebleken is dat werknemer geen grip heeft gekregen op de organisatie en bedrijfsvoering. De functie van bedrijfsleider heeft werknemer nooit kunnen waarmaken. Van der Horst verwijt werknemer dat hij over onvoldoende vakkennis beschikt en zijn communicatievaardigheden te wensen overlaten. Daarnaast heeft werknemer fouten gemaakt bij het calculeren en het afrekenen van bepaalde bouwwerken. Ook diverse opdrachtgevers hebben geklaagd over werknemer. Werknemer betwist dat sprake is van disfunctioneren.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Dat sprake is van disfunctioneren, is door Van der Horst onvoldoende aannemelijk gemaakt. Het verwijt dat werknemer over onvoldoende vakkennis zou beschikken en niet goed zou communiceren is niet met stukken onderbouwd. Ook is niet komen vast te staan dat werknemer de (eind)afrekening van verschillende werken niet tijdig, onjuist en onvolledig heeft opgesteld waardoor Van der Horst financiƫle schade heeft geleden. Van der Horst erkent dat er geen functionerings- of beoordelingsgesprekken zijn gevoerd met werknemer. Volgens Van der Horst is dit niet gebruikelijk binnen het bedrijf. Als al sprake zou zijn geweest van serieuze klachten over de wijze waarop werknemer zijn functie uitvoert dan heeft Van der Horst die in elk geval niet zorgvuldig met werknemer gecommuniceerd. Van der Horst wijst erop dat er wel wekelijks een (werk)overleg plaatsvindt waarbij alle projectleiders aanwezig zijn, waaronder werknemer. Een dergelijk overleg is uiteraard niet bedoeld om het functioneren van een bepaalde werknemer aan de orde te stellen. Ook anderszins is niet gebleken dat Van der Horst werknemer op zijn functioneren heeft aangesproken. Volgt afwijzing van het ontbindingsverzoek.