Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/KPMG Advisory N.V.
Rechtbank Amsterdam (Locatie Amsterdam), 22 april 2015
ECLI:NL:RBAMS:2015:2377

werknemer/KPMG Advisory N.V.

KPMG is niet aansprakelijk voor ontslag journalist na onderzoek over lekken van vertrouwelijk rapport. Causaal verband tussen het gestelde onrechtmatig handelen en ontbinding van de arbeidsovereenkomst ontbreekt.

Werknemer was als journalist verbonden aan het regionale dagblad ‘Dagblad van het Noorden’ (hierna: DvhN), dat wordt uitgegeven door NDC Mediagroup B.V. (hierna: NDC). Van juli tot en met november 2008 heeft DvhN frequent bericht over fraude met provinciale subsidies bij de stichting Eurochamp, een organisator van sportevenementen voor gehandicapten. Naar aanleiding van de berichtgeving van DvhN is de Provincie Drenthe (hierna: de provincie) onderzoek gaan doen bij Eurochamp. Nadat een eerste onderzoek het bestaan van malversaties bevestigde, gaf de provincie aan Deloitte opdracht om een forensisch accountantsonderzoek te verrichten naar de bedrijfsvoering bij Eurochamp. Deloitte heeft op 10 november 2008 aan de provincie gerapporteerd. Het rapport zou op 27 november 2008 openbaar worden gemaakt. A, een collega van werknemer, is erin geslaagd om een exemplaar van het definitieve rapport van Deloitte te bemachtigen, ruim vóór de openbaarmaking daarvan op 27 november 2008. A en werknemer hebben vervolgens in het DvhN van 15 november 2008 een artikel geschreven over de Eurochamp-affaire. In dat artikel was informatie uit het toen nog vertrouwelijke rapport van Deloitte verwerkt. KPMG heeft onderzoek gedaan naar het uitlekken van het vertrouwelijke rapport. Niet is vastgesteld door wie het rapport naar buiten is gebracht. Op 2 september 2009 is de arbeidsovereenkomst van werknemer ontbonden onder toekenning van een vergoeding van € 192.819 bruto. In de onderhavige procedure stelt werknemer dat KPMG toerekenbaar tekort is geschoten in de tussen partijen gemaakte afspraken, althans onrechtmatig en onzorgvuldig tegenover werknemer heeft gehandeld. Werknemer stelt dat voorafgaand aan het interview met KPMG mondeling is overeengekomen dat alle informatie in vertrouwen zou worden verstrekt en dat de absolute anonimiteit van werknemer gewaarborgd zou blijven. Het was immers voor werknemer van cruciaal belang dat zijn toenmalige werkgever niet te weten zou komen dat hij een informant van X was. KPMG heeft desondanks de vertrouwelijkheidsafspraak geschonden door in het rapport een duidelijke koppeling te leggen tussen haar betrouwbare anonieme informant en de informant van X. KPMG had de door werknemer in vertrouwen verstrekte informatie niet in haar rapport mogen opnemen, maar alleen als richtinggevende achtergrondinformatie mogen gebruiken. Het niet-nakomen van de vertrouwelijkheidsafspraak heeft tot gevolg gehad dat de arbeidsovereenkomst tussen NDC en werknemer is ontbonden, met verdere schade voor werknemer tot gevolg.

De rechtbank oordeelt als volgt. Het komt er in deze zaak op aan of de arbeidsovereenkomst met werknemer niet zou zijn ontbonden, indien KPMG de gewraakte passages over de informant had weggelaten en – zoals volgens werknemer had moeten gebeuren – had volstaan met de conclusie dat het rapport van Deloitte niet door werknemer was gelekt. Het door werknemer gestelde causaal verband vindt geen steun in de vaststaande feiten. Uit die feiten blijkt immers dat de hoofdredactie van DvhN pas een intern onderzoek is begonnen, nadat X in het Provinciale Statendebat op 18 maart 2009 had verklaard dat hij naast een kopie van het gelekte rapport van Deloitte ook de interne correspondentie van het DvhN in zijn bezit had. DvhN wijst dit moment in haar verzoekschrift tot ontbinding ook aan als het eerste moment waarop zij tot de ontdekking kwam dat er vanuit haar organisatie was gelekt. Daaruit kan worden afgeleid dat niet de door werknemer gewraakte passages in het rapport van KPMG, maar de uitlatingen van X – en dan vooral zijn mededeling over de hem bekende interne correspondentie van het DvhN – aan de wieg hebben gestaan van het interne onderzoek dat uiteindelijk tot de ontbinding van de arbeidsovereenkomst van werknemer heeft geleid. Het moet er tegen deze achtergrond dan ook voor worden gehouden dat die arbeidsovereenkomst ook zou zijn ontbonden wanneer KPMG die gewraakte passages zou hebben weggelaten. Aannemelijk is immers dat de hoofdredactie alsdan nog steeds door de uitlatingen van X in het Provinciale Statendebat op het voetspoor van een intern lek zou zijn gebracht en een gesprek met werknemer zou hebben aangeknoopt om te onderzoeken of hij het lek was. Anders gezegd: de gang van zaken was dan niet anders geweest. Volgt afwijzing van de vorderingen.