Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgever
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Arnhem), 17 september 2015
ECLI:NL:GHARL:2015:6884

werknemer/werkgever

Misbruik van recht door aanvraag eigen faillissement met als doel werknemers te ontslaan.

Bij vonnis van de Rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, van 10 juni 2005 is werkgever op eigen aangifte in staat van faillissement verklaard. Bij vonnis van de Rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, van 2 juli 2015 is het door werknemer aangetekende verzet tegen het voornoemde vonnis van 10 juni 2015 afgewezen, omdat niet gebleken was dat de faillissementsaanvraag enkel en alleen tot doel had van personeel af te komen. Werkgever maakt deel uit van een concern. Bij werkgever waren ten tijde van het faillissement nog zes sales werknemers in dienst. Werkgever bezit geen roerende zaken noch bedrijfsmiddelen. De vorderingen van de thans bekende crediteuren hangen alle samen met de arbeidsovereenkomsten met de werknemers van werkgever. Het was aanvankelijk de intentie om werknemer met twee andere werknemers van werkgever te laten afvloeien en de overige drie werknemers een tijdelijke arbeidsovereenkomst aan te bieden bij een van de overige vennootschappen van het concern.

Het hof oordeelt als volgt. Uit het faillissementsverslag volgt dat de reden voor het aanvragen van faillissement is gelegen in het feit dat een van de werknemers wegens ziekte was uitgevallen tijdens de ontslagprocedure. Daarmee heeft werkgever de verdenking op zich geladen dat de aanvraag van het faillissement door werkgever is ingegeven met het vooropgezette doel om zich te ontdoen van (ten minste) twee van haar oudste werknemers, te weten werknemer en medewerker X. Door aldus te handelen is de bescherming van het arbeidsrecht werknemer ontnomen. Derhalve is sprake van misbruik van recht.