Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch (Locatie 's-Hertogenbosch), 22 december 2015
ECLI:NL:GHSHE:2015:5328
X Sloopwerken B.V., tevens h.o.d.n. X Voegersbedrijf/ werknemer
Werknemer is tijdens sloopwerkzaamheden gewond geraakt aan zijn linkervinger, doordat een tegelrand of een tegelpunt bij het loshakken met een mechanische breekhamer door de door Sloopwerken aan werknemer ter beschikking gestelde handschoen heendrong of -sneed en de linkermiddelvinger van werknemer raakte. De bloedende wond is door een collega met een pleister verzorgd waarna de werkzaamheden zijn voortgezet. Nadien hebben de klachten zich verergerd en is uiteindelijk een posttraumatische dystrofie ontstaan, waardoor werknemer inmiddels ernstig geïnvalideerd (rolstoelafhankelijk) is, zijn totale zenuwstelsel ontregeld is en hij volledig arbeidsongeschikt is. Werknemer stelt zich op het standpunt dat Sloopwerken hem een verkeerde handschoen ter beschikking heeft gesteld en vordert schadevergoeding. De kantonrechter heeft de vorderingen toegewezen.
Het hof oordeelt als volgt. Sloopwerken stelt dat zij door de handschoenen North NF14 HD en/of Showa 310 Grip ter beschikking te stellen van werknemer, aan haar zorgplicht heeft voldaan. Sloopwerken betoogt op grond van artikel 8 Richtlijn 89/686/EEG van de Raad van 21 december 1989 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lid-Staten betreffende persoonlijke beschermingsmiddelen dat zij ter voldoening van haar zorgplicht had kunnen volstaan door handschoenen uit de door haar zo genoemde veiligheidscategorie 1 ter beschikking te stellen. Sloopwerken doelt hiermee op middelen die bescherming bieden tegen zeer geringe risico's waarvan het effect, wanneer het gradueel is, tijdig kan worden opgemerkt zonder dat de gebruiker gevaar loopt, zoals bedoeld in lid 3 van voormelde bepaling. Voorts werpt Sloopwerken op dat van haar niet verlangd kan worden handschoenen uit de door haar zo aangeduide veiligheidscategorie 3 ter beschikking te stellen. Dit betreft kennelijk middelen die beschermen tegen gevaren die dodelijk zijn of de gezondheid ernstig en onherstelbaar kunnen schaden en waarvan de gebruiker naar de ontwerper aanneemt de acute effecten niet tijdig kan onderkennen, zoals bedoeld in lid 4 van voormelde bepaling. Ten slotte brengt Sloopwerken naar voren dat zij handschoenen heeft gegeven aan werknemer die in de door haar aangeduide veiligheidscategorie 2 vallen. Dit betreft, zo begrijpt het hof, andere dan de in lid 3 bedoelde beschermingsmiddelen, zoals bedoeld in lid 2 van voormelde bepaling en dat zij, Sloopwerken, zodoende aan haar zorgplicht heeft voldaan. 3.13.2. Voormeld betoog van Sloopwerken wordt verworpen. Artikel 8 is opgenomen in Hoofdstuk II van voormelde richtlijn. Dit hoofdstuk gaat over certificeringsprocedures. De door Sloopwerken zo door haar genoemde veiligheidscategorieën betreffen geen richtlijnen die moeten en kunnen worden toegepast om het daarbij voor de uit te oefenen werkzaamheden passende beschermingsmiddel te bepalen. Artikel 8 is gericht aan fabrikanten en geeft voorschriften voor certificering. Artikel 8 geeft geen voorschriften gericht aan werkgevers, zoals Sloopwerken, in welke arbeidsomstandigheden zij welk persoonlijk beschermingsmiddel dient te verstrekken. Het enkele feit dat, zoals Sloopwerken stelt, zij handschoenen uit veiligheidscategorie 2 heeft verstrekt, brengt niet mee dat Sloopwerken aan haar zorgplicht als bedoeld in artikel 7:658 BW (oud) heeft voldaan. Aan die zorgplicht is naar het oordeel van het hof pas voldaan als vaststaat dat Sloopwerken geen handschoenen die een betere bescherming ter voorkoming van te verwachten letsel boden, ter beschikking had kunnen stellen. Het hof verwijst in dit verband nogmaals naar r.o. 3.6 van het vonnis van 14 november 2012, waarin de kantonrechter heeft overwogen dat het voor de hand ligt dat bij het met een mechanische breekhamer wegbreken van tegels van een wand scherpe tegelsplinters kunnen loskomen die letsel kunnen veroorzaken. De deskundige merkt op dat in januari 2009 zowel van het merk North als van het merk Showa en ook van andere merken, handschoenen in de handel waren met een hogere bestendigheid tegen doorsnijden en een hogere bestendigheid tegen perforatie. Dit zijn handschoenen met een snijbestendigheid van klasse 3 en hoger. Hiervan geeft de deskundige enige voorbeelden. Tegen deze door de deskundige gegeven voorbeelden komt Sloopwerken op. Het hof stelt voorop dat Sloopwerken als werkgever dient te stellen en zo nodig te bewijzen, dat zij al die maatregelen heeft genomen die redelijkerwijs nodig waren om de schade te voorkomen. Met de kantonrechter is het hof van oordeel dat, indien Sloopwerken handschoenen die meer bescherming boden dan de door haar verstrekte handschoenen ter beschikking had kunnen stellen, Sloopwerken niet heeft voldaan aan haar zorgplicht. Immers hierdoor had Sloopwerken de kans op schade voor werknemer verminderd. Het ligt dan ook op de weg van Sloopwerken om te stellen en zo nodig aan te tonen dat in januari 2009 geen handschoenen konden worden verkregen die een hoger beschermingsniveau tegen snijden en perforatie boden dan de door haar verstrekte handschoenen. Aan die stelplicht heeft zij niet voldaan. Ten aanzien van de door de deskundige genoemde Showa 541 HPPE palm plus en de Ansell Hyflex 11-628 handschoenen heeft Sloopwerken aangevoerd dat deze handschoenen in 2009 nog niet verkrijgbaar waren. Ook indien het voorgaande juist zou zijn dan betreft het hier slechts voorbeelden van handschoenen met een hoger beschermingsniveau dan de door haar, Sloopwerken, verschafte handschoenen. Hiermee is door Sloopwerken niet voldoende ontkracht de constatering van de deskundige dat er in 2009 handschoenen waren met een hoger beschermingsniveau. Daar komt bij dat Sloopwerken niet heeft betwist dat de twee andere voorbeelden die de deskundige heeft genoemd, te weten de North NFK 14 durotask en de North NFD 16, een hoger beschermingsniveau bieden dan de door haar, Sloopwerken , verstrekte handschoenen. Ten aanzien van deze handschoenen heeft Sloopwerken slechts aangevoerd dat ze geschikt zijn voor de glasindustrie. Hiermee heeft Sloopwerken echter niet betwist dat die handschoenen met een hoger beschermingsniveau niet voor het wegbreken van tegels geschikt zijn.
Sloopwerken stelt dat voormeld letsel buiten de normale lijn van verwachting ligt en dat voor haar, Sloopwerken en voor een gemiddeld persoon dit letsel, dat is ontstaan na een kleine snijwond aan een vinger, niet voorzienbaar is. Hiervan veronderstellenderwijs uitgaande, zal dit letsel, evenwel gezien voormelde aard van de aansprakelijkheid en de aard van de schade, als een gevolg van het ongeval aan de werkgever worden toegerekend (zie HR 8 februari 1985, NJ 1986, 137). Immers, in geval van aansprakelijkheid voor letsel worden de gevolgen van een persoonlijke predispositie van degene die het letsel heeft opgelopen in het algemeen als een gevolg daarvan aan de aansprakelijke partij toegerekend, ook al zijn die gevolgen daardoor ernstiger en langer van duur dan in de normale lijn der verwachtingen ligt.