Naar boven ↑

Rechtspraak

VCKG Holding B.V./werkneemster
Rechtbank Den Haag (Locatie 's-Gravenhage), 4 januari 2016
ECLI:NL:RBDHA:2016:71

VCKG Holding B.V./werkneemster

Ontslag op staande voet wegens het aannemen van vergoedingen van ruim € 2.400 houdt geen stand. Wel wordt de arbeidsovereenkomst ontbonden op grond van ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer. Afwijzing verzoek billijke vergoeding. Toewijzing transitievergoeding.

Werkneemster is sinds 2012 in dienst getreden bij VCKG. Op 19 november 2015 is werkneemster op staande voet ontslagen. VCKG verzoekt de arbeidsovereenkomst met werkneemster voorwaardelijk, voor het geval arbeidsovereenkomst niet reeds door ontslag op staande voet is geëindigd, te ontbinden wegens (een) dringende reden(en) als bedoeld in artikel 7:677 lid 1 jo. artikel 7:678 lid 2 onderdeel d, onderdeel e of onderdeel k BW jo. artikel 7:669 lid 3 onderdeel e, onderdeel g of onderdeel h BW, zonder toekenning van een transitievergoeding. Tevens verzoekt VCKG om een vergoeding ex artikel 7:677 lid 2 BW. VCKG legt aan dit verzoek het volgende ten grondslag. Werkneemster heeft zich laten betalen door een wervings- en selectiebureau voor het door VCKG aannemen van door dat bureau aangebracht personeel. Werkneemster voert gemotiveerd verweer.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Allereerst dient te worden beoordeeld of de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig is geëindigd door het ontslag op staande voet. Artikel 8.6 van de arbeidsovereenkomst is niet geschonden, want niet is gesteld of gebleken dat werkneemster werkzaamheden voor derden heeft verricht. Wel staat vast dat werkneemster aldus heeft gehandeld in strijd met artikel 9.6 van de arbeidsovereenkomst, nu dat artikel het haar verbiedt om geld van een derde aan te nemen terwijl gelet op de hoogte van het ontvangen totaalbedrag niet gesproken kan worden van ‘standard business gifts of minor value’. Na afweging van alle relevante omstandigheden, waaronder de door werkneemster in deze procedure onbetwist aangevoerde stellingen dat zij geen benadeling van VCKG voor ogen heeft gehad, dat zij blijkens de bonus en de dure pen die zij van VCKG ontving goed heeft gefunctioneerd en dat zij als alleenstaande moeder voorziet in het levensonderhoud van haar minderjarige zoon, wordt geconcludeerd dat ontslag op staande voet een te zwaar middel is geweest. Het gegeven ontslag op staande voet zal derhalve worden vernietigd wegens het ontbreken van een dringende reden. Het verzoek van werkneemster om VCKG te veroordelen om het loon c.a. door te betalen en de verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst na te komen, zal worden toegewezen. De door VCKG verzochte vergoeding zal worden afgewezen. Nu dient te worden beoordeeld of de arbeidsovereenkomst tussen partijen moet worden ontbonden. De door VCKG naar voren gebrachte feiten en omstandigheden leveren een redelijke grond voor ontbinding op, zoals bedoeld in artikel 7:669 lid 3 onderdeel e BW. Werkneemster behoort namelijk integer te zijn. Het is hierbij niet van belang of werkneemster zelf om de vergoedingen heeft gevraagd of het wervings- en selectiebureau uit eigen beweging de vergoedingen aan werkneemster heeft aangeboden. Het had op de weg van werkneemster gelegen om melding te maken dat zij in totaal € 2.466 aan vergoedingen van het wervings- en selectiebureau heeft aangenomen. Herplaatsing ligt niet in de rede. Het verzoek tot toekenning van een billijke vergoeding wordt afgewezen, omdat geen sprake is van ernstige verwijtbaarheid aan de zijde van VCKG. Dit laat onverlet dat de handelwijze van werkneemster niet ‘ernstig verwijtbaar’ is in de zin van artikel 7:673 lid 7 onderdeel c BW. Werkneemster was zich naar eigen zeggen bij het aannemen van de vergoeding van het wervings- en selectiebureau van geen kwaad bewust en heeft geen benadeling van VCKG voor ogen gehad. Dit is zeker kwalijk te noemen nu werkneemster beter had moeten weten, maar dit rechtvaardigt geen ontbinding zonder transitievergoeding. VCKG zal daarom worden veroordeeld de verschuldigde transitievergoeding aan werkneemster te voldoen.