Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 6 april 2016
ECLI:NL:RBROT:2016:2548
CNV Vakmensen.nl c.s./APM Terminals Maasvlakte II B.V.
APMT MVII houdt zich bezig met de ontwikkeling en de commerciële exploitatie van een containerterminal. De werknemers van APMT MVII vallen onder de ondernemings-cao die APMTR heeft gesloten met de vakbonden en die loopt van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2017 (hierna: de cao). Vanaf februari 2015 voeren de bedrijven in de containersector in de haven van Rotterdam (hierna: de containerbedrijven), waaronder APMTR en APMT MVII, overleg met de vakbonden over een werkgelegenheidsplan voor de gehele sector, onder leiding van het Havenbedrijf Rotterdam. Bij brieven van 31 december 2015 hebben de vakbonden een ultimatum gesteld aan de containerbedrijven. Op 7 januari 2016 heeft een 24 uursstaking plaatsgevonden. Op 6 januari 2016 heeft APMT MVII een ‘Akkoord Werkgelegenheid APMT Rotterdam BV’ (hierna: het Akkoord) gesloten met de ondernemingsraad met betrekking tot de werkgelegenheidsgarantie, schadeloosstelling bij boventalligheid, uitbreiding van de Senioren Haven Fit-regeling en een vergoeding indien een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd niet wordt verlengd. De werknemers is verzocht bij akkoord de Aanvulling te ondertekenen en retour te zenden aan APMT MVII. De vakbonden stellen zich op het standpunt dat APMT MVII, door een aanvulling op de arbeidsovereenkomst af te spreken met de ondernemingsraad en deze aan de werknemers aan te bieden, in strijd met de cao heeft gehandeld. De vakbonden vorderen dan ook nakoming van de cao. Het verweer van APMT MVII strekt ertoe de vakbonden niet-ontvankelijk te verklaren in hun vordering, althans hen deze te ontzeggen.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Gelet op het bestaande geschil tussen partijen inzake de wijze waarop de cao dient te worden geïnterpreteerd, hebben de vakbonden een voldoende spoedeisend belang. De kern van het geschil ziet op de vraag of APMT MVII met het aanbieden van de Aanvulling aan haar werknemers in strijd heeft gehandeld met de cao. In artikel 3 van de cao is uitdrukkelijk bepaald dat de cao een standaard-cao is, hetgeen betekent dat niet in voor de werknemer gunstige of ongunstige zin van de inhoud van de bepalingen mag worden afgeweken. Uit de cao kan niet worden opgemaakt dat de door APMT MVII overeen te komen arbeidsvoorwaarden uitputtend zijn geregeld in de cao. De Aanvulling ziet op drie punten: de werkgelegenheidsgarantie, de Senioren Haven FIT-regeling en de regeling inzake Compensatie Pensioenen. APMT MVII heeft onweersproken gesteld dat de aangeboden werkgelegenheidsgarantie en de Senioren Haven FIT-regeling in het geheel niet in de cao zijn geregeld. Dit betekent dat APMT MVII met het aanbieden van deze regelingen niet in strijd handelt met (het standaardkarakter van) de cao. Ten aanzien van de Compensatie Pensioenen heeft APMT MVII toegegeven dat daarvoor de instemming van de vakbonden is vereist nu afspraken over het pensioen zijn geregeld in bijlage 9 van de cao, maar zij doet in dat kader een beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid in de zin van artikel 6:248 lid 2 BW.
Tussen partijen is niet in geschil dat met de komst van twee geautomatiseerde terminals op Maasvlakte II de werkgelegenheid binnen de containersector mogelijkerwijs in gevaar komt en dat deze omstandigheid veel onrust creëert onder de werknemers binnen de sector. Niet onbegrijpelijk is dat de vakbonden, in het algemene belang van de werknemers in de containersector, met de containerbedrijven willen komen tot afspraken op sectorniveau die alle door hen vertegenwoordigde leden in de sector - kort gezegd - een baangarantie voor de komen jaren geven, maar de vakbonden dienen de middelen te gebruiken die daarvoor aan hen zijn gegeven. Daartoe behoort niet het willen tegenhouden van het Akkoord en de Aanvullingen, enkel om te voorkomen dat de door hen beoogde sectorafspraken als gevolg van die aanvullende afspraken binnen APMT MVII in gevaar zouden kunnen komen. Door te weigeren om inhoudelijk te praten over de cao, zolang op sectorniveau geen afspraken zijn gemaakt en derhalve het belang van alle werknemers van de sector voorop te stellen ten koste van de werknemers van APMT MVII, gebruiken de vakbonden hun bevoegdheid in feite voor een doel waarvoor die niet is gegeven en is hun handelwijze aan te merken als misbruik van bevoegdheid in de zin van artikel 3:13 BW. Daarbij komt dat de vakbonden met APMT MVII een ondernemings-cao hebben gesloten, op grond waarvan zij contractspartners zijn die jegens elkaar redelijkheid en billijkheid in acht dienen te nemen. Daar waar APMT MVII vrijwillig aan het sectoraal overleg deelneemt en niet verplicht is tot enige resultaats- of inspanningsverbintenis, hebben de vakbonden op basis van de cao jegens APMT MVII een inspanningsverbintenis om met haar in overleg te treden over wijzigingen of aanvullingen die APMT MVII wenst door te voeren. Dit klemt des te meer, nu APMT MVII het Akkoord en de Aanvulling heeft opgesteld met het oog om rust te creëren onder haar werknemers in de situatie waarin op sectorniveau onduidelijk is of en wanneer afspraken worden gemaakt (waarvoor APMT MVII overigens niet alleen afhankelijk is van de vakbonden maar ook van de andere containerbedrijven) en nu onweersproken is gebleken dat de Aanvulling een aanmerkelijke verbetering van de arbeidsvoorwaarden inhoudt. De aangeboden pensioenregeling, waarover partijen al geruime tijd overleg voeren, is zelfs gelijk aan de originele door FNV voorgestelde pensioenregeling en uit de processtukken blijkt dat tussen partijen reeds overleg is om de aangeboden pensioenregeling op te nemen in de cao. Naar het voorlopige oordeel van de kantonrechter leidt het buiten toepassing verklaren van de aangeboden pensioenregeling (en de rest van de Aanvulling) daarom tot een resultaat dat naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Het aanbieden van de Aanvulling aan de werknemers van APMT MVII wordt toegestaan. Er is derhalve geen aanleiding om, vooruitlopend op een bodemprocedure, de gevraagde voorziening toe te wijzen.