Naar boven ↑

Rechtspraak

Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten/X
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 29 april 2016
ECLI:NL:RBROT:2016:3268

Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten/X

Veroordeling tot nabetaling achterstallig loon aan betrokken uitzendkrachten, alsmede tot betaling van een forfaitaire schadevergoeding (€ 5.000) en een (voorwaardelijke) aanvullende schadevergoeding (€ 60.345) aan de SNCU wegens niet-naleving cao’s voor uitzendkrachten.

De Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten (hierna: de SNCU), opgericht door werknemersorganisaties en de werkgeversorganisatie in de uitzendbranche ABU, heeft mede als taak het toezien op een correcte naleving van de ABU CAO voor Uitzendkrachten, de NBBU CAO voor Uitzendkrachten en de CAO Sociaal Fonds voor de Uitzendbranche en verricht daartoe onder meer onderzoek en controles in de uitzendbranche. De SNCU heeft een deel van haar bevoegdheden overgedragen aan de Commissie Naleving voor Uitzendkrachten (hierna: de CNCU). X drijft een onderneming in de aardappelen-, groente- en fruitbanche. De arbeidsverhouding met diens medewerkers valt onder de werkingssfeer van de cao’s voor uitzendkrachten. Op 18 december 2012 heeft de CNCU een gegrond vermoeden van niet-naleven van de cao’s voor uitzendkrachten vastgesteld en besloten dat er een onafhankelijk onderzoek ter plaatse diende te worden uitgevoerd. Tijdens dit onderzoek zijn diverse afwijkingen geconstateerd en een indicatieve materiële schadelast aan te weinig betaald loon is bepaald op € 60.345. De SNCU vordert thans X onder meer te veroordelen tot nabetaling van de materiële schadelast ad € 60.345 aan de betrokken uitzendkrachten en tot betaling van een bedrag van € 5.000 als forfaitaire schadevergoeding aan de SNCU. Tevens vordert de SNCU X te veroordelen om aan de SNCU een aanvullende schadevergoeding van € 60.345 te betalen.

De kantonrechter oordeelt als volgt. X heeft zich bereid verklaard om achterstallige loonverplichtingen en daarmee samenhangende verplichtingen na te betalen aan de betrokken uitzendkrachten. De vordering tot betaling van € 60.345 aan de betrokken uitzendkrachten ligt daarmee voor toewijzing gereed. Aangaande de vordering tot betaling van de forfaitaire schadevergoeding van € 5.000 heeft X zich gerefereerd aan het oordeel van de rechter. Het betreft hier het krachtens de beleidsregels van de SNCU geldende minimale bedrag dat de SNCU aan schadevergoeding oplegt bij niet-naleving van de cao. Deze als boete te kwalificeren schadevergoeding is door de SNCU reeds aangezegd bij brieven van 16 september 2013 en 28 oktober 2014. De SNCU is niet verplicht aan te tonen dat de schade in de omvang als door haar gevorderd ook daadwerkelijk is geleden. Volgt toewijzing van de vordering. De SNCU heeft daarnaast een aanvullende schadevergoeding gevorderd van € 60.345. Deze vergoeding vordert zij niet naast de nabetaling aan de betrokken uitzendkrachten, maar slechts voorwaardelijk, namelijk indien en voor zover X niet voldoet aan de veroordeling tot nabetaling van het achterstallige loon. Deze schadevergoeding moet naar het oordeel van de kantonrechter eveneens als een boete worden opgevat, en wel op het niet tijdig voldoen en derhalve op vertraging in de nakoming van de loondoorbetalingsverplichting op grond van de cao. De SNCU is daartoe gerechtigd. Artikel 6:92 lid 1 BW staat aan een en ander niet in de weg. Volgt toewijzing van de vordering.