Naar boven ↑

Rechtspraak

werkgever/werknemer
Gerechtshof 's-Hertogenbosch (Locatie 's-Hertogenbosch), 6 september 2016
ECLI:NL:GHSHE:2016:4035

werkgever/werknemer

Loon niet onverschudigd betaald. Artikel 6:201 BW versus artikel 7:628 BW.

Werknemer is vanaf 1 januari 1991 als plafondmonteur volledig in dienst geweest van werkgever. Op enig moment is hij voor zichzelf begonnen en werkte hij nog maar één dag per week voor werkgever. Op 5 oktober 2014 zegt werknemer de arbeidsovereenkomst op. Werkgever accepteert deze opzegging zonder voorwaarden. Daarna vordert werkgever betaling van onverschuldigd loon en onregelmatige opzegging. Volgens werkgever was de afspraak dat er alleen op gewerkte dagen betaald zou worden en heeft werknemer de arbeidsovereenkomst onregelmatig opgezegd. De kantonrechter heeft de vorderingen afgewezen.

Het hof oordeelt als volgt. Voor de beantwoording van de vraag of loon zonder rechtsgrond in de zin van artikel 6:201 BW is betaald zijn in dit geval de artikelen 7:627 en 7:628 lid 1 (oud) BW van belang. In het eerstgenoemde artikel wordt bepaald dat geen loon is verschuldigd voor de tijd gedurende welke de werknemer de bedongen arbeid niet heeft verricht, terwijl in de laatstgenoemde bepaling staat dat de werknemer het recht op het naar tijdruimte vastgestelde loon behoudt indien hij de overeengekomen arbeid niet heeft verricht door een oorzaak die in redelijkheid voor rekening van de werkgever behoort te komen. Werkgever stelde het werkschema op. Als het zo is dat werkgever regelmatig op een klus stond te wachten op werknemer die niet of nooit kwam opdagen, dan is de omstandigheid dat werkgever tijdens het dienstverband hier nooit een probleem van heeft gemaakt een factor die voor zijn rekening en risico komt. Met de kantonrechter is het hof van oordeel dat werkgever heeft ingestemd met de opzegging van werknemer en daarmee niet langer sprake kan zijn van onregelmatige opzegging.