Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Stichting TanteLouise-Vivensis
Rechtbank Zeeland-West-Brabant (Locatie Bergen op Zoom), 29 februari 2016
ECLI:NL:RBZWB:2016:8610

werknemer/Stichting TanteLouise-Vivensis

Wederindiensttredingsvoorwaarde niet geschonden. Onder de bewoordingen ‘door een ander laat verrichten’ dient niet verstaan te worden het laten verrichten van de werkzaamheden door een werknemer die reeds bij de werkgever in dienst is.

Feiten

Werknemer vervulde laatstelijk de functie van chef-kok. Werknemer is per 1 mei 2015 boventallig verklaard. Op 21 augustus 2015 heeft TanteLouise-Vivensis de arbeidsovereenkomst met werknemer, met toestemming van het UWV, per 1 november 2015 opgezegd op grond van artikel 7:669 lid 3 onderdeel a BW. Een andere chef-kok (chef-kok 3) kan binnen de organisatie werkzaam blijven. Chef-kok 3 wordt vervolgens herplaatst in de gemeente Bergen op Zoom. Werknemer verzoekt de kantonrechter primair onder meer vernietiging van de opzegging, wegens schending van de wederindiensttredingsvoorwaarde. Subsidiair verzoekt werknemer onder meer herstel van de arbeidsovereenkomst.

Oordeel

Volgens werknemer dient onder de, in artikel 7:681 lid 1 onderdeel d BW opgenomen, bewoordingen ‘door een ander laat verrichten’ ook verstaan te worden het laten verrichten van de werkzaamheden door een werknemer die reeds bij de werkgever in dienst is. Het gerechtshof te Amsterdam heeft echter bepaald dat van overtreding van de wederindiensttredingsvoorwaarde enkel sprake kan zijn indien er binnen de aan de voorwaarde verbonden termijn een nieuwe werknemer wordt aangetrokken om de werkzaamheden van de voormalig werknemer te verrichten. De kantonrechter oordeelt dat daarvan in dit geval geen sprake is geweest, nu TanteLouise-Vivensis een reeds in dienst zijnde, boventallig verklaarde, werknemer – chef-kok 3 – heeft herplaatst op de voormalige functie van werknemer. Van overtreding van de wederindiensttredingsvoorwaarde ingevolge artikel 7:681 lid 1 onderdeel d BW is dan ook geen sprake. Ter onderbouwing van zijn verzoek tot herstel van de arbeidsovereenkomst stelt werknemer dat het afspiegelingsbeginsel onjuist is toegepast en dat tevens is verzuimd om voldoende herplaatsingsinspanningen te verrichten. De kantonrechter overweegt het volgende. Het moge zo zijn dat werknemer als aanspreekpunt fungeerde voor zijn collega’s in de gemeente Bergen op Zoom en dat hij als enige chef-kok aangewezen was om bepaalde autorisaties te mogen doen, maar dat maakt nog niet dat de inhoud van zijn functie als chef-kok een andere betreft dan c.q. uniek is ten opzichte van die van chef-kok 2 en chef-kok 4 en dat zijn functie niet uitwisselbaar zou zijn met andere functies binnen de organisatie. Niet valt in te zien dat de chef-koks, na een korte inwerkperiode, de taken van de andere chef-koks niet zouden kunnen overnemen. TanteLouise-Vivensis heeft werknemer, samen met chef-kok 2 en chef-kok 4, dus terecht meegenomen in haar afspiegeling. Daarnaast overweegt de kantonrechter dat het zo moge zijn dat TanteLouise-Vivensis in het verleden een of meerdere werknemers tussen haar gemeenten heeft verschoven, maar dat uit de stellingen van werknemer daaromtrent niet kan blijken dat deze (al dan niet onterechte) verschuivingen tot het gevolg hebben gehad dat een zuivere toepassing van het afspiegelingsbeginsel niet mogelijk is geweest. De kantonrechter komt tot de conclusie dat een (voldragen) redelijke grond voor de opzegging van de arbeidsovereenkomst door TanteLouise-Vivensis aanwezig is en dat de opzegging dus niet in strijd is met artikel 7:669 lid 3 onderdeel a BW. Er is tevens geen grond voor toewijzing van een billijke vergoeding.