Rechtspraak
Rechtbank Oost-Brabant (Locatie 's-Hertogenbosch), 22 juni 2017
ECLI:NL:RBOBR:2017:3330
werknemer/DAS Rechtsbijstand N.V.
Feiten
Op 26 september 2012 heeft werkgever te kennen gegeven de arbeidsovereenkomst van werknemer te willen beëindigen. Werknemer heeft vervolgens een (eerste) beëindigingsvoorstel gekregen. Naar aanleiding daarvan heeft werknemer DAS ingeschakeld. DAS en werknemer hebben meerdere keren contact gehad, per brief, mail, telefoon en tijdens gesprekken. Op 30 oktober 2012 heeft de advocaat van werkgever een laatste voorstel gedaan: een ontslagvergoeding van € 80.000, een outplacementtraject van € 5000 exclusief btw en beëindiging van de arbeidsovereenkomst per 1 februari 2013. Dit voorstel is door DAS namens en in overleg met werknemer afgewezen. Daarna heeft werkgever een ontslagvergunning bij het UWV aangevraagd, die het UWV heeft afgegeven. De arbeidsovereenkomst is per 1 april 2013 beëindigd. Werknemer heeft vervolgens een andere advocaat ingeschakeld, waarna werknemer een kennelijk onredelijk ontslagprocedure is gestart. Werkgever is in deze procedure veroordeeld tot betaling van € 60.000. Hierna heeft werknemer DAS aansprakelijk gesteld, omdat werknemer de mening is toegedaan dat de advisering van DAS onvolledig en onjuist is geweest, waardoor hij schade heeft geleden. DAS voert gemotiveerd verweer. De door werknemer gestelde schade (het verschil tussen een aanbod van zijn voormalige werkgever en de uiteindelijke vergoeding die deze werkgever aan werknemer heeft moeten betalen) is niet door de adviezen van DAS veroorzaakt.
Oordeel
Waar het in deze procedure om gaat is of DAS als een redelijk handelend en bekwaam rechtshulpverlener heeft gehandeld. De kantonrechter is echter niet bij de gesprekken tussen DAS en werknemer geweest. Om de advisering van DAS te kunnen beoordelen, gaat de kantonrechter derhalve af op de brieven en mails en de telefoonnotities van DAS. In de brieven van 1 oktober 2015 of de mail van 26 oktober 2015 zou DAS volgens werknemer de indruk hebben gewekt dat het eerste voorstel van de werkgever veel te laag zou zijn. In beide berichten wordt echter niet de indruk gewekt dat de aangeboden ontslagvergoeding veel te laag is. Integendeel, er wordt juist gesteld dat deze overeenkomt met de neutrale kantonrechtersformule en dat deze formule zo goed als altijd in een procedure wordt gehanteerd. In de brief van 1 oktober 2012 wordt weliswaar ook gezegd dat er nog wel wat rek zal zitten in het voorstel van de werkgever, maar daarin kan de kantonrechter evenmin lezen dat DAS werknemer heeft voorgehouden dat een fors hogere vergoeding haalbaar zou zijn. Van een onjuiste advisering is hier geen sprake. Weliswaar heeft DAS werknemer niet schriftelijk gewaarschuwd dat zijn tegenvoorstel veel te hoog is, maar uit de telefoonnotitie van 29 oktober 2012 blijkt wel dat hij hierop is gewezen. Voorts verwijt werknemer DAS dat hij niet van tevoren is gewezen op de gevolgen van deze keuze en dat hij niet is gewaarschuwd voor het risico dat de vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag wel eens fors lager zou kunnen uitvallen. Hierbij wijst hij vooral op het e-mailbericht van 27 oktober 2012. De kantonrechter is hier evenmin van oordeel dat DAS in zijn advisering tekort is geschoten. Immers, in de mail wordt wel gerefereerd aan eerdere contacten over de inhoud van de kennelijk-onredelijkontslagprocedure. Hieruit leidt de kantonrechter af dat DAS werknemer wel degelijk in een eerder stadium over de inhoud van deze procedure heeft gesproken. Evenmin heeft DAS in de brief aan werknemer de zekerheid gegeven dat de kennelijk-onredelijkontslagvergoeding gelijk zou zijn aan het laatste voorstel van de werkgever. Het e-mailbericht had best wel wat duidelijker mogen zijn, maar er staan geen onjuiste zaken in en het is niet onvolledig.
De kantonrechter beseft dat werknemer een leek is op juridisch gebied en nooit met dit bijltje heeft gehakt. Dit verplicht DAS echter niet om zelf keuzes te maken voor werknemer of ongevraagd voorspellingen in bedragen tot achter de komma te doen over de hoogte van een ontslagvergoeding. Als werknemer het niet snapte, had hij het gewoon aan DAS kunnen vragen. Wel kan men vraagtekens hebben bij de communicatie tussen DAS en werknemer. Het zijn lange brieven met veel juridische complexe informatie. Maar onder de streep ondanks alle verwijten afzonderlijk in samenhang bezien heeft DAS gedaan wat van haar in de gegeven omstandigheden als redelijk handelend rechtsbijstandverlener had mogen worden verwacht.