Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/Nefkens B.V.
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 30 september 2016
ECLI:NL:RBMNE:2016:7760

werkneemster/Nefkens B.V.

Kortgedingprocedure. Vordering tot loondoorbetaling toegewezen, nu geen sprake is van schending van een redelijk voorschrift als bedoeld in artikel 7:629 lid 3 sub d BW. Vordering tot tewerkstelling afgewezen, nu werkzaamheden onvoldoende concreet zijn komen vast te staan.

Feiten

Werkneemster is op 4 januari 2016 in de functie van ‘Verhuur Manager’ in dienst getreden van Nefkens B.V. (hierna: Nefkens), op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, welke eindigt op 3 januari 2017. Op 6 juni 2016 heeft Nefkens de loondoorbetaling van werkneemster gestaakt, nadat werkneemster zich, in een relatief korte periode, meerdere malen heeft ziek gemeld wegens fricties in de samenwerking op het werk. Op 9 juni 2016 heeft de bedrijfsarts geconcludeerd dat werkneemster gedeeltelijk (situatief) arbeidsongeschikt is geraakt. Voorts adviseert hij formele, externe mediation. Op 5 juli 2016 heeft de verzekeringsarts geconcludeerd dat werkneemster op 10 juni 2016 volledig arbeidsongeschikt is. Nefkens heeft daarop de loonbetaling tot 6 juli 2016 vervat en deze vervolgens stopgezet. In een kortgedingprocedure vordert werkneemster thans onder meer een veroordeling tot voortzetting van loondoorbetaling, alsmede een veroordeling tot tewerkstelling.

Oordeel

Vordering tot loondoorbetaling

Nefkens voert aan dat werkneemster ten onrechte heeft geweigerd mee te werken aan een redelijk voorschrift, dat bestond uit het volgen van een mediationtraject, gefaciliteerd door een door Nefkens aangedragen mediator. Aldus was Nefkens, naar eigen zeggen, gerechtigd om op grond van artikel 7:629 lid 3 sub d BW het loon stop te zetten. De kantonrechter volgt Nefkens hierin niet en oordeelt als volgt. Nu de bedrijfsarts formele, externe mediation heeft geadviseerd, kan niet worden volstaan met een gesprek onder begeleiding van een persoon die als HR-manager verbonden is aan de organisatie van Nefkens. Dit geldt evenzeer voor een mediator die door Nefkens eenzijdig is aangewezen. In de overweging wordt betrokken dat mediation in de STECR-werkwijzer wordt omschreven als 'een interventie via bemiddelingsgesprekken waarbij partijen zelf hun conflict oplossen onder begeleiding van een professionele en onafhankelijke, in het MfN-register (voorheen NMI) ingeschreven mediator'. Een eenzijdig voorgestelde mediator kan niet, zonder medewerking van de wederpartij, als onafhankelijke mediator worden beschouwd. De kantonrechter acht dan ook aannemelijk dat de bodemrechter zal oordelen dat Nefkens ten onrechte de loondoorbetaling heeft gestaakt. De vordering tot loondoorbetaling wordt derhalve toegewezen.

Vordering tot tewerkstelling

Werkneemster vordert daarnaast Nefkens te veroordelen om haar – zodra zij is hersteld – toe te laten tot de gewone werkzaamheden in de functie waarin zij is aangenomen. De kantonrechter oordeelt in dit verband dat partijen het oneens zijn over de inhoud van de werkzaamheden die werkneemster dient te vervullen, welke onenigheid ook nog eens aanleiding heeft gegeven tot het tussen hen ontstane arbeidsconflict. Nu niet vaststaat welke werkzaamheden werkneemster dient uit te voeren indien zij weer arbeidsgeschikt wordt geacht, en een kortgedingprocedure zich niet leent voor nadere bewijslevering hieromtrent, kan vooralsnog niet worden beoordeeld of de gevorderde tewerkstelling in de bodemprocedure met grote mate van waarschijnlijkheid zal worden toegewezen. Dit deel van de vordering wordt derhalve afgewezen.